*

 

moderne werkgelegenheid / Nieuwe toekomst voor bedrijventerrein

door Maaike Bezemer − 05/02/07, 23:09

Veel gemeenten zitten met verpauperende bedrijventerreinen in hun maag. Grote fabrieken zijn niet meer nodig en verbouwen of vervangen kost te veel. Roosendaal is als een van de weinige gemeenten zelf aan het opknappen geslagen.

Het oudste deel van bedrijventerrein Majoppeveld ligt er nog troosteloos bij. De Haust-fabriek heeft plaatsgemaakt voor een lege vlakte. Daar tegenover staat een groot verloederd pand: witte bakstenen zijn groen uitgeslagen en struiken groeien door de gebroken ramen naar binnen. De eigenaar wacht nog op huurders of wil in ieder geval een goede prijs voor zijn gebouw. De buurman, een galvaniseerbedrijf,is weg, maar heeft zwaar vervuilde grond achtergelaten.

Toch gaat het volgens Kees Kools van de gemeente Roosendaal goed met de herstructurering. Wegen en fietspaden zijn opgeknapt. Een oud spoorlijntje is weggehaald en levert dus extra vierkante meters bedrijfsruimte op. Voor grondsanering is subsidie beschikbaar en het Haustterrein heeft een nieuwe bestemming. Straks staat daar het hoofdkantoor van de BVR-groep, de projectontwikkelaar die ook de naastgelegen wijk heeft opgeknapt. Kools: „Doordat er weer perspectief is, zie je dat de andere ondernemers ook in hun pand gaan investeren. Een vleesverwerker heeft een modern kantoor tegen een oude gevel aangebouwd. Een braakliggend weiland, waar nooit belangstelling voor was, is nu opeens verkocht.”

Roosendaal is niet zo rijk dat ze de opknapbeurt zelf kan financieren. Majoppeveld behoorde tot een van de eerste proefprojecten waar Economische Zaken geld voor heeft uitgetrokken, de zogeheten Topper-subsidie. Daarnaast krijgt ze hulp van de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij. Die moet er – in opdracht en met financiën van de provincie Noord-Brabant – voor zorgen dat in 2015 zo'n 1300 hectare bedrijventerrein is geherstructureerd. Dat is ongeveer 25 procent van het totaal aan verouderde terreinen in Brabant. De ontwikkelingsmaatschappij kijkt wat de rotte appels op een terrein zijn en waar opknapwerk volstaat. Ze weet ook waaraan moderne bedrijfsgebouwen moeten voldoen. Ze regelt de subsidies, maar investeert zelf ook.

Een oud bedrijventerrein opknappen kost meer dan het oplevert, weet Roosendaal. Kools: „Als er geld te verdienen viel, had de markt het wel opgepakt. Maar er is ook zoiets als economisch-maatschappelijke winst. Als gemeente wil je bedrijven houden en nieuwe werkgelegenheid creëren. Dit is goed voor ons imago, voor het bedrijventerrein, maar ook voor de omgeving. De aangrenzende woonwijk heeft net een flinke opknapbeurt achter de rug: 400 sloopwoningen zijn verruild voor 300 vrije sectorwoningen, er is een nieuwe school. Daarbij past geen halfleeg, verouderd bedrijventerrein.”

Milieudefensie pleit voor een stop op nieuwe bedrijventerreinen om aantasting van het landschap te voorkomen. Jeroen Krijgsman van de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij vindt dat een mooi streven, maar niet realistisch. „Majoppeveld had duidelijk kansen. Het terrein ligt pal naast de A58 en de overgebleven ondernemers zagen het nog zitten. Herstructureren is maatwerk en kost veel geld en véél moeite.”

mailIcon print |