Bewoners van Vinex-wijken zijn tevreden over hun woning, maar vinden dat er te weinig bomen, perkjes en parken zijn, blijkt uit de ’Evaluatie Verstedelijking Vinex van 1995 tot 2005’, die gisteren naar de Kamer is gestuurd.
Minister Pieter Winsemius van ruimtelijke ordening vindt ook dat de ontwikkeling van groen rond de steden achterblijft en bekijkt nu of er versneld meer groen kan komen in de wijken.
Hij wijst er wel op dat het kabinet al diverse acties in gang heeft gezet om meer in natuur te investeren. In de Nota Ruimte is voldoende gereserveerd voor nieuwe groene projecten.
Voor bestaande wijken kan worden geput uit lopende programma’s met gemeenten, zoals ’Groene partners’ en ’Groen in en om de stad’. Daarnaast is meer recreatie in en om de stad als nieuw rijksdoel geformuleerd en daar zijn ook groene gebieden voor nodig.
Winsemius blikt tevreden terug op het Vinex-project. Er zouden in tien jaar 650.000 nieuwe woningen moeten worden gebouwd, waarvan 460.000 in een Vinex-wijk. Dat zijn er uiteindelijk iets meer geworden: 680.000, waarvan er 417.000 in een Vinex-stadsgewest staan – iets minder dan gepland. Toch is de minister content: „Zonder het Vinex-beleid zouden de verstedelijkingspatronen veel verspreider zijn geweest, met nadelige effecten voor het landschap, de bereikbaarheid en het milieu.”
Vinex-wijken, zoals het Haagse Ypenburg en Leidsche Rijn bij Utrecht, hebben de afgelopen jaren veel kritiek gehad: te weinig groen, te veel rijtjeswoningen, te weinig parkeerplaatsen en speelvoorzieningen, te weinig winkels en scholen en een slechte of te late aansluiting met het openbaar vervoer.
Het evaluatierapport rekent af met dit negatieve imago. Uit de analyse komt juist een overwegend positief beeld naar voren. Beter kunnen wel – naast de groenontwikkeling– de parkeermogelijkheden bij de woning. En het autogebruik ligt in Vinex-locaties hoger dan verwacht, maar wel weer lager dan in andere wijken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.