In de reiswereld vormt het al jaren een aparte categorie: de tuinenreis.
Mensen die graag door andermans tuinen wandelen reizen hiervoor naar Engeland, Ierland of Italië, maar ook naar minder voor de hand liggende oorden als Zuid-Afrika en Japan.
Veel vakantiegangers kunnen zich misschien niet voorstellen dat het bekijken van bijzondere planten, kleurige borders en strak geknipte buxushagen nooit gaat vervelen. Maar voor een tuinliefhebber is dat toch echt zo.
Ook op mijn verlanglijst staat het al jaren, zo’n tuinenreis. Het was er alleen nog niet van gekomen. Tot een vriendin vraagt of ik met haar mee wil naar Noord-Italië. Aan de oevers van het Lago Maggiore en het Comomeer, zegt ze, liggen de prachtigste tuinen. En er is een reisorganisatie die erheen gaat.
De voorpret begint al op Schiphol. In de vertrekhal proberen we te raden met wie van de honderden reizigers we de komende zes dagen zullen optrekken. Alles wat stevige stappers heeft, een praktisch kapsel en een mosgroene bodywarmer rekenen we tot toekomstige reisgenoten. Wanneer we zien wie er in de touringcar stapt die op de luchthaven van Milaan voor ons klaarstaat, stellen we tevreden vast dat we in veel gevallen goed hebben gegokt.
De bus brengt ons meteen naar de eerste tuin. Want u dacht toch niet dat een tuinenreis vakántie is? Een tuinenreis betekent vroeg op, veel kilometers maken en vroeg naar bed.
De reisleidster heet Hermine van Wijhe. Ze heeft in Wageningen gestudeerd en weet alles van bomen en planten. Deze tuinenreis langs de Italiaanse meren heeft ze eigenhandig samengesteld. Ze vertelt dat ze zo’n reis probeert op te bouwen van minder mooi naar mooi. De eerste tuin, Villa Taranto, zou dus de minst mooie moeten zijn. Maar omdat het de eerste is, hebben we geen vergelijkingsmateriaal en vallen we van de ene verbazing in de andere. Kamerplanten die het bij ons leuk doen in de vensterbank staan hier metershoog langs het pad, met hun voeten in de volle grond. Er is een kastanjeboom uit het jaar dat bij ons de Slag bij Nieuwpoort geleverd werd. Maar ook begoniaperkjes zijn er, en doodgewone stukjes Keukenhof met tulpen die ’Apeldoorn’ heten. Zelfs zevenblad en een vijver vol algen ontbreken hier niet. Zou dat soms het leuke zijn van een tuinenreis, denk je schuldbewust: de combinatie van nieuwe ideeën opdoen en zien dat zelfs de mooiste tuinen last hebben van slakken, algen en zevenblad?
Tijdens de wandeling over de zeven kilometer lange wandelpaden komen de eerste verschillen tussen de reisgenoten aan het licht. Op subtiele maar niet mis te verstane wijze wordt de hiërarchie vastgesteld. „In Ierland heb ik een eucalyptus gezien met een witte stam”, zegt iemand. Aha, een ervaren tuinreiziger! Hij is niet de enige, blijkt al snel. Als pingpongballetjes schieten de vergelijkingen met tuinen in Engeland, Ierland en Normandië over en weer. Zelfs Nederland mag meedoen: „Ik ben nog niet enthousiast. Wat ik hier zie, zie ik in Clingendael ook”, klinkt het misprijzend.
De volgende ochtend zitten we al vroeg weer in de bus, op weg naar het dorp Stresa. Daar nemen we een bootje naar de botanische tuin op het eiland Isola Madre. Stil van verwondering lopen we langs de paden. Alles hier is groot, groter, grootst. De Magnolia grandiflora heeft een stam met een omvang van zes meter. De stammen van de bamboe zijn zo dik dat je je duim en wijsvinger eromheen kunt leggen. Telkens weer zien of horen we iets dat ons de adem beneemt. Levensgrote agaves. Een Paulownia imperialis met rechtopstaande lila bloemen. Het gekrijs van pauwen en fazanten. En natuurlijk de befaamde 24 meter hoge, meer dan 200 jaar oude Cupressus cashmeriana glauca. Op een van zijn takken zit een pauw die gewillig poseert voor de camera’s van de toeristen. Het flitslicht deert hem niet, daar is-ie aan gewend.
Iets verderop ligt Isola Bella, een eiland dat in 1630 werd opgekocht door de schatrijke graaf Carlo Borromeo. Hij liet er een tuin aanleggen van trapsgewijs opgebouwde terrassen. Op het rotseiland was geen vruchtbare grond, die werd – geld speelde geen rol – van de kust aangevoerd.
Van het Lago Maggiore rijden we naar het Comomeer. Op het programma staat Villa del Balbianello. Het zegt me niets, maar dat zal snel veranderen.
Vanaf het moment dat je door het toegangshek van Villa del Balbianello loopt, gebeurt er iets met je. Verdwaasd en los van de wereld wandel ik door de tuin. Mijn zintuigen en emoties draaien overuren. Ik raak bedwelmd door de zware geur van wisteria. Houd mijn adem in als ik onder me een rijtje geknotte platanen zie opdoemen. Moet lachen om de pilaren van de loggia, die zijn versierd met Ficus repens. Wil schuilen onder de reusachtige steeneik die in de vorm van een paraplu is gesnoeid. En ben vooral verschrikkelijk jaloers op kardinaal Durini en alle anderen die hier ooit hebben gewoond.
Er zijn geen woorden voor deze tuin. Omdat hier vanwege de geologische gesteldheid van de bodem geen formele Italiaanse of romantische Engelse tuin kon worden aangelegd, is Balbianello met niets te vergelijken. Het is maar goed dat we niet al te veel weten van de historie van deze tuin, want dan besef je pas hoe vergankelijk alles is. En hoe toevallig het is dat iets behouden blijft of tegen de vlakte gaat. Want zelfs deze tuin is een tijdlang, van 1880 tot 1919, aan zijn lot overgelaten geweest. Hoe dat mogelijk is, is niet te bevatten.
Op de voorlaatste reisdag begin ik te begrijpen waarom tuinreizen nooit langer duren dan een week. De eerste Magnolia grandiflora met een omtrek van 18 meter maakt een verpletterende indruk, maar na de zesde geloof je het wel. Zo’n gespecialiseerde reis moet blijkbaar niet te lang duren, zelfs gepassioneerde tuinliefhebbers hebben een limiet van wat ze aankunnen.
In de laatste tuin loopt de groep plichtmatig langs de metershoge oleanders en dito palmbomen. Zo gauw het fatsoen het toelaat zoekt de een na de ander een terrasje op en bestelt een espresso. De exotische bomen, de doorkijkjes naar het Comomeer.... we kijken ernaar en denken: ja ja, nu weten we het wel.
Blasé, is het woord dat hiervoor is bedacht.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.