*

 

Intiem, ontroerend portret van een vrouw: haar naam is Sabine

Remke de Lange − 29/11/07, 02:27

Her Name is Sabine

Regie: Sandrine Bonnaire. Tijdens IDFA nog te zien op 1/12 en 2/12

Veel documentairemakers trekken graag de wereld in, zoeken hun verhalen ver van huis. Anderen gebruiken de camera juist om hun eigen omgeving met een extra oog te bekijken. In ’Hear and Now’ volgt de Amerikaanse Irene Taylor Brodsky haar dove ouders die op 65-jarige leeftijd kiezen voor een implantaat waarmee ze iets kunnen horen. De ingreep raakt ook de maakster zelf: ze kent haar ouders niet anders dan doof. ’Hear and Now’ staat al dagen bovenaan in de lijst van publieksfavorieten bij het IDFA.

De Franse actrice Sandrine Bonnaire (’Sous le Soleil de Satan’, ’La Cérémonie’) filmt al sinds haar kindertijd haar iets jongere zus Sabine. Levendig, goedlachs, mooi en trots was ze ooit. Nu is Sabine een moeilijk sprekende, bij vlagen agressieve 38-jarige, die maar met moeite haar dagen in een psychiatrische kliniek lijkt door te komen. „Mag ik nu pauze?” herhaalt ze tijdens het verplicht onkruid wieden. Ze ligt liever languit in het gras.

Wat er in de tussentijd is gebeurd laat Bonnaire zien in haar regiedebuut ’Her Name is Sabine’ (’Elle s’appelle Sabine’), een bijzonder intiem, ontroerend portret van een vrouw die haar levenskracht lijkt te zijn ontnomen. Het woord autisme valt. De grote hoeveelheid medicijnen die Sabine en haar huisgenoten dagelijks binnenkrijgen komt aan de orde.

En ja, zo concludeert Bonnaire in de voice-over, het gaat pas weer beter met Sabine sinds ze in een specifieke autisteninstelling woont die de actrice met haar faam van de grond heeft weten te krijgen. Maar het mooist van de film is de relatie tussen de zussen, die zich via de camera openbaart. ’Her Name is Sabine’ is niet gemaakt met de beleefde interesse van een buitenstaander, maar met de persoonlijke blik van iemand die tóch al bijna dagelijks naar Sabine kijkt.

Vanachter de camera babbelt Bonnaire over de spulletjes die haar zus angstvallig in een rieten mand opbergt. En ze ruziet met haar als dat zo uitkomt. „Ik zeg niet nóg een keer dat ik morgen kom. Ik kom morgen.”

mailIcon print |