*

 

Historisch: iedereen is ontzet bij een, één doodgestoken man

Bert Keizer − 17/11/07, 02:27

Op de televisie hoorde ik een opmerking van Karel van het Reve over de gymnasiale opleiding voorgelezen worden door één van zijn kleinzoons: ’De voorstanders kwamen dan altijd met het argument, dat onze cultuur is ontstaan uit de klassieke cultuur, en dat je, als je onze cultuur begrijpen wilt, de cultuur moet kennen waaruit hij voortgekomen is. Die klassieke cultuur kon blijkbaar wel begrepen worden zonder de cultuur te kennen waar de klassieke cultuur uit voortgekomen is.’

Goed geplaatste degenstoot. Je ziet de tegenstander ineenzijgen. Maar, het gymnasium even terzijde, in zijn algemeenheid is de notie van ’wat vooraf ging’ niet zo loos als Van het Reve suggereert. Kan iemand de gebeurtenissen op de Normandische stranden begin juni 1944 voldoende beschrijven zonder enige toespeling op wat vooraf ging?

Ja dat kan. Wat je ziet is een verbijsterend groot aantal mannelijke primaten, die komend vanuit de zee met goed doordachte dodingsmethodieken een vergelijkbare groep op het land in de pan probeert te hakken.

Wat ging hier aan vooraf om het begrijpelijk te maken? Er zijn twee antwoorden mogelijk. Eerste antwoord is het verhaal van Hitler. Het tweede antwoord is dat het hier om een basistafereel gaat dat zich reeds vele miljoenen jaren in wisselende gedaantes op aarde voordoet.

Het gaat daarbij steevast om de zogeheten hogere primaten die wel tot dezelfde soort behoren, maar die binnen de soort in groepen leven. De samenhang binnen deze groepen wordt bewerkstelligd door een zich afzetten tegen andere groepen. Wederzijdse hulp wordt graag verleend zolang het om groepsgenoten gaat, maar zodra het om leden van andere groepen gaat zijn ze altijd bereid die om zeep te helpen als de eigen groep daardoor bedreigd wordt.

Dit ombrengen over en weer is al enkele millennia gaande, steeds met een ander verhaal. Dat verhaal merk je niet aan de vuist, de voet, de steen, de pijl, de kogel, het gas, de raket of de bom waarmee je wordt gedood. Het heeft denk ik zin dit te herhalen: wat er in de koppen, later hoofden, van deze primaten aan verhalen rondspookte voor, tijdens of na het doden, daar merkte een slachtoffer niks van bij het gedood worden.

Er is inmiddels veel veranderd in de toepassing van geweld. Het gebeurt doelmatiger en sinds 1945 op almaar kleinere schaal. Vooral in groepen waarbinnen de verdeling van goederen en kansen niet al te grof uiteenloopt daalt het geweldsniveau naar ongekende laagte. In Nederland bijvoorbeeld, wonen 16,6 miljoen mensen en als er één, ik zeg één, wordt doodgestoken dan reageert de hele groep met ontzetting. Dat is een historisch unicum.

Die betere verdeling van goederen en kansen is niet tot stand gekomen door religie. Het enige dat men in deze sfeer over religie kan zeggen is dat het zich eeuw in eeuw uit steevast in de rijen heeft geschaard waar zich de beste goederen en kansen bevonden, kan niet schelen wat er allemaal te lezen staat in Upanishaden, Tsjang Tze, Confucius, Oude Testament, Homerus, Nieuwe Testament, Koran of Talmoed. Het lijkt in deze context even relevant als de Enkhuizer Almanak.

Dostojevski dacht nog dat bij goddelijke afwezigheid alles geoorloofd is, met alle gevolgen voor bovengenoemde verdeling. Wij weten beter. Zijn aanwezigheid betekent niets voor het geweldsniveau of de kansenverdeling binnen een gemeenschap.

Geheel tegen Van het Reve in, denk ik dat het wel zin heeft om je af te vragen wat aan religie voorafging. En dat niet zozeer vanwege de onmiddellijke begrijpelijkheid van dit voorafgaande, want daar zijn vele vragen over te stellen, maar om een misverstand over religie uit de weg te ruimen.

Volgens dit misverstand komt de kwaliteit van onze geweldsbeheersing en de verdeling van goederen en kansen voort uit religie. Zo schrijven Jan Schinkelshoek en Mirjam Sterk in Trouw op 10 november dat democratie, rechtsstaat, waardigheid, naastenliefde, verzoening en nog veel meer teloor dreigen te gaan met het verdwijnen van religie.

Ik denk dat een blik op de geschiedenis erg geruststellend kan werken. Reeds honderdduizenden jaren voordat iemand religie van herfsttinten kon onderscheiden werd er door primaten in groepen geleefd, waarbinnen men zich te gedragen had. En men gedroeg zich zo goed omdat er niets erger is dan door de groep uitgestoten te worden. Dat is nog altijd zo. Ga maar eens zomaar heel alleen, met als enige uitrusting een vliegticket, naar China. Dan kun je eens rustig ervaren hoe levengevend jouw groep is.

Nee, religie heeft nooit geholpen om ons vriendelijker jegens elkaar te stemmen. Filosofie ook niet hoor, of klassieke muziek, of poëzie. Beschaving in termen van geweldsbeperking laat zich zelfs niet afdwingen door Cliteurs ’Modern Esperanto’, dat in deze context overkomt als een bereidingsvoorschrift voor een maaltijd die allang op tafel staat.

Nee, als mensen vatbaar waren voor godsdienstige vermaning (je zult hier voor boeten) of zelfs maar voor goed advies (doe nou toch eens een beetje aardig voor elkaar!) dan zag de geschiedenis er heel anders uit.

mailIcon print |