De top van de Protestantse Kerk in Nederland is sinds kort in meerderheid vrouw. Is de kerkelijke emancipatie van vrouwen daarmee voltooid? En wat zijn de ervaringen van vrouwelijke bestuurders? „Ik kreeg vroeger wel te horen: niet gek, voor een vrouw.”
Sommige historische momenten gaan relatief onopgemerkt voorbij. Neem donderdag 19 april, in een conferentieoord in Lunteren. Sinds dat moment zitten er meer vrouwen dan mannen in het hoogste bestuursorgaan van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN): vier om drie.
Dat is te danken aan de benoeming van dominee Arenda Haasnoot (34) tot vice-voorzitter van het moderamen van de Generale Synode. Zelf zegt Haasnoot ’niet zo bezig’ te zijn met het aantal vrouwen in kerkelijke bestuursfuncties, en het imago van de kerk als mannenbolwerk. „Toen ik werd gevraagd, dacht ik niet: het zou goed zijn om een vrouw op die post te hebben.”
Veeleer, zegt Haasnoot, had ze oog voor de ’uitstraling’ van het landelijke kerkbestuur. „Op foto’s zag het er wel érg grijs uit. Voor het beeld naar buiten en als afspiegeling van de kerk mocht daar best een jonger iemand tussen.”
De benoeming van Haasnoot komt luttele maanden na een rapport van onderzoeksinstituut Kaski, dat concludeerde: hoe gewichtiger de bestuurspost in PKN, hoe schaarser de vrouw. Opdrachtgever voor dat onderzoek was de Oecumenische Vrouwensynode (OVS), die al vijfentwintig jaar streeft naar een grotere rol voor vrouwen in de kerk.
Voorzitter Annego Hogebrink (68) van de OVS aarzelt bij de vraag of dat streven nu is voltooid. Een landelijk kerkbestuur dat in meerderheid vrouw is ziet ze als ’een goede vrucht van de vrouwenemancipatie’, en het duidt op ’evenwicht in de gender-balans’. „Dat is nieuw, en stemt tot vreugde.”
Maar toch. „Is dit een resultaat van kerkelijk beleid?”, vraagt Hogebrink zich af. „Is de PKN geschrokken van het Kaski-rapport? Of is het toeval?” In Lunteren mocht Ineke Bakker namens de Raad van Kerken in Nederland het nieuw samengestelde kerkbestuur toespreken. „Ik zag het meteen”, zegt Bakker. „Achter de tafel op het podium zaten meer vrouwen dan mannen. Ik dacht: nee maar, het zal toch niet waar zijn?”
Bakker (53) is sinds 1995 algemeen secretaris van de Raad van Kerken, de eerste vrouw in die functie sinds de oprichting van de Raad in 1968. „Na mijn benoeming stuurden sommige vrouwen me fanmail: ’wat goed dat je dit doet’.”
Theologe Bakker studeerde in de jaren zeventig, toen de Gereformeerde Kerken het predikantsambt net hadden opengesteld voor vrouwen. „Na een preek kreeg ik toen wel eens te horen: niet gek, voor een vrouw.”
Jarenlang spraken de gereformeerden met hervormden en lutheranen over een fusie tot één Protestantse Kerk. Ook Ilona Fritz (45) zat aan die onderhandelingstafel, nadat zij in 2001 als eerste vrouw werd gekozen tot president(e) van de lutherse synode. Fritz vergaderde met orthodoxe hervormden, die het vrouwen niet toestaan (zie inzet) predikant te worden. Over haar aanwezigheid merkten zij op: ’U daagt ons wel uit’. „Ik dacht: ik wíl u ook uitdagen”, zegt Fritz. „Als jullie met ons willen samengaan, wen er dan maar aan dat vrouwen in het ambt voor ons vanzelfsprekend zijn.”
Zulke blijken van moeite met vrouwen als predikant of kerkbestuurder vond ze ’pijnlijk’, zegt Fritz. „Het is altijd óók persoonlijk bedoeld. Ik kreeg het gevoel dat ik me waar moest maken, dat ik moest laten zien dat een vergadering even goed verloopt met een vrouw als voorzitter.”
Tijdens een speciale kerkdienst in de Domkerk in Utrecht, met de koningin op de voorste rij en geregistreerd door camera’s van het journaal, ondertekende Fritz in december 2003 namens de lutheranen de verenigingsakte van de Protestantse Kerk in Nederland. Voor de hervormden en gereformeerden zetten de twee mannelijke synodepreses – gekleed in stemmige pakken –- hun handtekening. Pas later, zegt Fritz, wezen mensen haar erop dat haar aanwezigheid, en haar handtekening, als een statement kunnen worden gezien: de kerk is niet alléén een mannenzaak. „Daar was ik op dat moment zelf niet zo mee bezig”, zegt ze. „Wel dacht ik: als vrouw zorg ik hier voor wat kleur.” De lutherse presidente droeg voor de gelegenheid feestelijk rood.
Ondanks Fritz’ inbreng zijn er in kerkelijke bestuursfuncties nog steeds veel minder vrouwen dan mannen te vinden. Volgens Annego Hogebrink ligt dat aan de kerkelijke cultuur. „Daarin is God een man, en zijn vertegenwoordigers dus ook.” Ze hoopt dat de vrouwelijke bestuurders „in taal en beeld het vrouwelijke gezicht van de kerk en God zichtbaar maken”.
Het dominante beeld van God is patriarchaal, vindt ook Ilona Fritz. „Met mannelijke woorden als ’almachtig’. Ik plaats daar graag het beeld tegenover van God die zorgt, als een moeder.”
Die ambitie heeft de nieuwe vice-voorzitter Arenda Haasnoot niet, zegt ze. „Ik denk dat God wel voor zichzelf kan spreken.”
Maar hoe ervaart zij het dan om als vrouw vicevoorzitter te zijn van een kerk die een stroming kent – de Gereformeerde Bond – waar vrouwen niet hetzelfde mogen als mannen? „Daarvan lig ik niet wakker. Ja, ik vind het jammer dat men daar de kwaliteiten van vrouwen niet méér benut. Maar ik maak mij meer zorgen om vrouwen in de maatschappij als geheel. Zodra er kinderen komen, vervallen stellen al gauw in traditionele rolpatronen, wat vooral ten koste van de vrouw gaat.”
Zou de kerk dan niet juist voorop moeten lopen met emancipatie? Haasnoot: „Nee. Waarom? Je kunt wel op de barricades gaan staan, maar dat zal averechts werken. Veranderingen moeten natuurlijk gaan.”
Bovendien, zegt Ineke Bakker, is er de afgelopen decennia best wat bereikt. „Voor de meeste mensen is een vrouw op de kansel geen sensatie meer. Dat is winst.”
De ondervertegenwoordiging van vrouwen in kerkbesturen, zegt Ilona Fritz, is een kwestie die genuanceerd ligt, en verschillende oorzaken heeft. Een ervan kan zijn dat vrouwen zich liever praktisch inzetten voor de kerk in plaats van urenlang te vergaderen. „Mannen hebben er veel minder moeite mee dan vrouwen om iets te herhalen wat al tien keer is gezegd. Alleen maar om even gehoord en gezien te worden.”
Zeker, zegt Arenda Haasnoot, mannen mogen zich op dat punt best wat bescheidener opstellen. Maar dat vergaderen een mannenhobby is, bestrijdt ze. „Ik vind bestuurswerk heel plezierig. Tot één uur ’s nachts in een conferentieoord zitten lijkt misschien heel saai, maar ik vind het kicken.”
Ze krijgt bijval van Marloes Keller (32), die namens de Protestantse Kerk in Nederland kandidaat is om toe te treden tot het Centraal Comité (algemeen bestuur) van de Wereldraad van Kerken, als opvolgster van Wies Houweling. „Vergaderen is communiceren”, zegt ze. „Veel vrouwen houden daar wel degelijk van.” Maar: „Het feit dat ik een vrouw ben vind ik niet relevant voor mijn beoogde functie bij de Wereldraad. Ik probeer de hele PKN te vertegenwoordigen, mannen én vrouwen.”
De Wereldraad van Kerken kent een quotum: veertig procent van alle vertegenwoordigers dient vrouw te zijn. Zou dat een idee zijn voor kerkelijke bestuursfuncties in Nederland? Ilona Fritz heeft het wel eens voorgesteld, zegt ze. „Maar daar is het bij gebleven. Sommige broeders én zusters hadden er veel moeite mee.”
„Toch zie ik er wel wat in”, zegt Ineke Bakker. „Maar een kandidaat loopt dan de kans dat ze alleen benoemd wordt omdat ze vrouw is en het quotum gehaald moet worden.”
En, erkent Bakker: „Als wij van de Raad van Kerken vrouwen benaderen om een projectgroep voor te zitten, moeten ze vaak overtuigd worden dat ze het kunnen. Veel vrouwen vragen zich te snel af of ze wel capabel zijn. Mannen hoor ik veel minder zeggen: ’ik denk dat ik het niet kan, ik vrees dat ik te weinig ervaring heb’. Vrouwen mogen wel wat meer zelfvertrouwen hebben.”
Annego Hogebrink stelt het scherp: „Een kerk waarin het vrouwelijke gezicht afwezig is, is van God los.”
„Dat gaat mij te ver”, zegt Arenda Haasnoot. „Maar ik denk wel dat een door mannen gedomineerde kerk afwijkt van Gods bedoeling zoals ik die leer kennen uit de Bijbel. Op onverwachte momenten en manieren plaatst Hij vrouwen op de voorgrond.”
„De getuigen van Jezus’ opstanding waren vrouwen”, zegt Ineke Bakker. „Door dat gegeven voel ik mij gesterkt. Als de kerk de talenten van vrouwen beter benut, wordt het er beter, leuker en veelzijdiger.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.