Eerlijk gezegd had ik er al jaren niet meer naar geluisterd. ’Berlin’ van Lou Reed. Het album kwam uit in 1973 en destijds was ik er kapot van. Negentien was ik en mijn eerste grote liefde was voorbij. Die was twee jaar eerder begonnen, toen ik nog scholier was. Zij was iets ouder, maar ons scheidde een wereld van verschil. Ze was op haar vijftiende uit huis weggelopen, liet zich een maand lang verloven met een jongen met een sportwagen, kreeg een verhouding met een Duitse man van een Franse gravin en belandde uiteindelijk in een alternatief wereldje met veel marihuana, Curtis Mayfield, hennahaar en India-jurken. Toen ik haar leerde kennen was ze verpleegster in een gekkenhuis en liep ze in haar witte uniform en een grote sleutelbos over gesloten afdelingen vol verwarde ouderen. Zelf leed ze aan depressies.
Acht maanden duurde het, mijn grote liefde, een hemel en een hel was het. Zij maakte er een eind aan. Aan de liefde bedoel ik. En terwijl ik zakte voor mijn eindexamen, kreeg zij een verhouding met een cynische collega met wie ze de vreselijkste ruzies had.
Even later kwam ’Berlin’. En Lou Reed zong zinnen als: Caroline says that I’m just a toy, she wants a man not just a boy. En: You ought to learn more about yourself, think more than just I.
’Berlin’ is het verslag van een hopeloze liefde. Drugs, overspel, huiselijk geweld, kinderen die worden weggenomen, de zelfmoord van Caroline. En Jim blijft met verdoofde gevoelens achter: It was such a funny feeling.
Nu ja, mijn adolescente vereenzelviging was enorm. Maar de tijd doet zijn slijtend werk, je leven moet nog beginnen.
Ruim dertig jaar later staat Lou Reed in Amsterdam, in de Heineken Music Hall, en speelt voor het eerst ’Berlin’ – integraal. Je wilt er bij zijn, je wilt weten of die muziek nog iets betekent, dus je hebt de duurste kaarten gekocht. Daar zit je, toch nog veel te ver achterin de zaal. En vanaf de eerste akkoorden trilt in je binnenste die oude ontroering mee. En als hij dan Caroline weer doet spreken en haar die zinnen laat zeggen, dan stromen, net als toen, de tranen weer over je wangen, alsof dertig jaar lang niets is gebeurd.
U denkt dat ik hier een heel persoonlijk verslag aanbied, maar dat is niet zo. Op de dag na het concert hoorde ik op de radio een willekeurige bezoeker zeggen dat de tranen hem bij Caroline’s woorden over de wangen waren gestroomd. Aangenomen dat hij niet die cynische verplegerscollega van toen was, moet er iets algemeners zijn. In haar recensie in NRC-Handelsblad schreef Hester Carvalho over een ’Berlin’ vol erbarmen. Dat begint al aan Bach te raken.
Ik denk dat die roering iets te maken heeft met dat menselijk tekort van bange jongens die geen man willen worden en ongelukkige vrouwen, die hun meisje hadden willen zijn.
Dat gaat nooit helemaal over.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.