GroenLinks-leider Femke Halsema staat nog steeds achter haar in december gemaakte keuze om niet mee te gaan formeren. Ook al is er onbegrip en gemor in de achterban.
Femke Halsema vindt dat ze komende zaterdag op het congres van de partij in Utrecht een goed verhaal heeft.
„De PvdA wilde gewoon niet met GroenLinks regeren. Bos had gewoon met zijn vuist op tafel kunnen slaan en weigeren met de ChristenUnie te onderhandelen. Wij hebben meermalen tegen de PvdA gezegd dat zij de sleutel voor de samenstelling van de regeringscoalitie in handen hadden. Bos kon ons tegenover het CDA een onderhandelingspositie geven. Hij heeft dat niet gedaan. De PvdA wilde zelf – en dat is ook tegen ons gezegd – de meest linkse partij in een nieuw kabinet zijn.”
Heb je er al spijt van dat je niet aan de onderhandelingstafel zit?
„Nee, uiteindelijk niet. Alhoewel ik wel eens getwijfeld heb. Maar ik ben ervan overtuigd dat we niet anders hadden gekund. We zijn geen getuigenispartij. Het is geen principiĆ«le keuze geweest om niet te gaan regeren, maar vooral een strategische. Ik wil niet symbolisch een paar gesprekken met het CDA gaan voeren, terwijl er geen enkele belangstelling is voor de wensen van GroenLinks. Want vergis je niet, er zou tussen CDA en GroenLinks veel overbrugd moeten worden. En daar was het CDA als traditionele machtspartij helemaal niet toe bereid. Daar had ze toe gedwongen moeten worden.”
„En onze positie was nog veel zwakker dan die van de SP. Als ik – zoals de SP – 25 zetels had gekregen, had ik niet aanvaard dat we bij het CDA geen serieuze gesprekspartner zouden zijn. Als het de SP al niet lukte, waarom zou het CDA GroenLinks dan wel serieus nemen?”
„We hadden intern ook te maken met de voorwaarden die de partij in 2002 had gesteld voor regeringsdeelname. Toen vonden onze leden dat we veel te happig waren op regeringsdeelname. Afgesproken is toen dat we pas gaan regeren als GroenLinks heeft gewonnen en met dubbele cijfers in de Kamer zit. Bovendien moet de partij ’nodig’ zijn voor de macht. Ik vind de voorwaarden veel te rigide en ik was bereid om – als het nodig was – hierover een conflict met de partij te zoeken. Maar dan had de PvdA ervoor moeten zorgen dat het CDA geen vluchtroute naar de ChristenUnie had.”
Dat zijn veel vooronderstellingen en je legt de verantwoordelijkheid wel erg bij de PvdA neer. Jullie hebben het niet eens geprobeerd, dus dan weet je toch niet wat de uitkomst had kunnen zijn?
„Dat zijn geen vooronderstellingen. Het CDA had zijn voorkeur voor de ChristenUnie uitgesproken. En de PvdA wil gewoon niet met links regeren. Ze wilden zelfs geen lijstverbinding met ons aangaan, om de reststemmen voor het linkse blok te behouden. Dat lijkt mij een duidelijke boodschap.”
Heb je er wel zin in om weer vier jaar oppositie te gaan voeren?
„Ja, want er is nu de mogelijkheid van een groenige meerderheid in de Kamer. We kunnen idealen verwezenlijken die eerst niet mogelijk waren. Ik verwacht ook dat dit kabinet meer aan duurzaamheid en sociaal beleid doet dan de vorige kabinetten-Balkenende. Maar dat is ook geen kunst. En ik hoop dat wij vanuit de Kamer een inbreng kunnen leveren dat de coalitie niet meteen onaanvaardbaar noemt.”
Straks ligt er misschien een regeerakkoord waar je als GroenLinks ook best een handtekening onder had kunnen zetten.
„Dat denk ik niet. Dit kabinet wil vooral rust, er is een totaal gebrek aan ambitie – kijk maar naar de verkiezingsprogramma’s van deze partijen. Wij hebben juist een ambitieus hervormingsprogramma.”
Maar het wordt toch iets socialer en duurzamer, zeg je?
„Maar niet zo rigoureus als wij dat willen. Zelfs de rekenmodellen van het CPB kraakten van onze voorstellen. Als je Nederland echt duurzamer wilt maken, moet je of heel veel subsidie geven of ingrijpen in de marktverhoudingen. Het CDA is een geharnast tegenstander van subsidies en weigert het conflict met het bedrijfsleven aan te gaan over vergroening van het belastingstelsel. De klimaatcrisis kun je alleen aanpakken als je bereid bent de economische groei te temperen. Daar kiezen wij voor, maar deze partijen niet. Nee, het nieuwe kabinet zal vooral met mooie, vage woorden over duurzaamheid komen.”
GroenLinks verloor licht bij de laatste verkiezingen, terwijl de SP fors heeft gewonnen. Wat zegt dat over GroenLinks?
„Ik heb de leiding van GroenLinks in 2002 in een moeilijke tijd overgenomen. Wij zijn de partij geweest die de meeste last heeft gehad van de Fortuyn-revolte. GroenLinks werd het symbool van het softe van links. Ikzelf neem links ook kwalijk dat zij veel te veel de verworvenheden van de verzorgingsstaat verdedigden, zonder oog te hebben voor het gebrek aan toegang van buitenstaanders, zoals bijstandsmoeders en allochtonen. Of dat links de mensenrechtendiscussie aan rechts-conservatieven als Bolkestein heeft overgedragen. Dat cultuurrelativisme, dat mensenrechten niet van toepassing zouden zijn op de onderdrukking van moslimvrouwen. Terwijl juist links op de barricades zou moeten voor de outsiders.”
„Wij zijn toen gaan nadenken en ons linkse programma gaan herijken. Daar ben ik de afgelopen jaren mee bezig geweest. Maar onze hervormingen en ambities sluiten niet aan op de behoeftes van de kiezer. De tijdgeest is anders. Bij de kiezer is grote behoefte aan zekerheid, ze wil weinig veranderingen meer, vooral niet op sociaal vlak. Ook ons electoraat is daardoor aan het verschuiven. We raken mensen kwijt aan de SP die grote moeite hebben met onze sociale hervormingen. Maar we krijgen ook veel jonge aanwas, jongeren en hoger opgeleide allochtonen. We hebben een groot potentieel. Ik wil weer in de dubbele cijfers komen.”
Hoe positioneer je GroenLinks de komende jaren nu de partij als kleintje tussen de twee grote linkse partijen – PvdA en SP – zit?
„Bij de SP zie je dat ze zich opmaken voor een strijd op leven en dood met de PvdA. Inzet is wie het beste het erfgoed van het socialisme beheert. Dat dwingt de PvdA te reageren en dus conservatiever te worden, om de weggejaagde PvdA’ers terug te krijgen. Dat zag je al bij de verkiezingen. Alle hervormingsplannen van Bos werden afgezwakt. En omgekeerd: de SP verschoof aanzienlijk naar het midden.”
„Wij hebben de afgelopen jaren het ideologische fundament van vrijzinnig links gelegd. We zijn een partij die houdt van de moderne open samenleving en internationaal is gericht. We kiezen radicaal voor vergroening en hebben een hervormingsprogramma dat de emancipatie en de participatie van mensen bevordert. Maar we zeggen ook: mensen zijn zelf verantwoordelijk als ze de handreiking niet pakken.”
„We zijn geen one-issuepartij en dat maakte het voor de kiezer lastig. De SP en PvdA kozen in de campagne uitsluitend voor behoud van sociale verworvenheden, wij niet.”
„Ik denk dat de komende jaren het verschil tussen GroenLinks met de PvdA en SP steeds duidelijker wordt. Je hebt progressief en conservatief links. De SP is bekeerd tot een christelijke, traditionele partij. Voor emancipatie moet je bijvoorbeeld niet bij de SP zijn, want die wil alleenstaande moeders tot twaalf jaar thuis in de bijstand laten zitten. Dat is een ticket tot levenslange armoede, ook voor hun kinderen.”
„De SP stelt ook het belang van de gemeenschap boven het belang van het individu. Ons wordt dan het omgekeerde verweten. Het tegendeel is waar. Maar een gemeenschap heeft alleen waarde als de vrije individu er ook uit kan stappen. Een gemeenschap dwing je niet af.”
„We hebben nog niet vastgesteld hoe we als GroenLinks dan wel de rol en betekenis van een gemeenschap in de samenleving zien. De afgelopen jaren hebben we als partij onze houding tegenover de staat en het individu bepaald. De opgave is nu hoe we als partij de gemeenschap zien. Een hyper-geïndividualiseerde maatschappij is namelijk ook een vervelende samenleving.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.