’Zapatero begraaft Rajoy’, kopte de regeringsgezinde krant El Pais dinsdag, na een televisiedebat tussen de socialistische Spaanse premier José Luis Rodriguez Zapatero (47) en zijn conservatieve opponent, Mariano Rajoy. Die kop was aan de voorbarige kant. Zapatero is wel algemeen als winnaar aangewezen in de twee tv-debatten met Rajoy, maar nipt – van begraven is geen sprake. In de peilingen voor de parlementsverkiezingen, zondag, bedraagt de voorsprong van Zapatero’s socialistische PSOE hooguit enkele procentpunten.
Sinds hij in 1986 als 25-jarige het jongste parlementslid werd, heeft Zapatero, kortweg ’ZP’, alle verkiezingen waaraan hij meedeed gewonnen.
Zijn grootste triomf was een verrassing. In 2004 versloeg hij Rajoy, de oogappel van de toenmalige conservatieve premier Aznar – met de (onverhoopte) hulp van de islamisten, die drie dagen daarvoor hun treinbommen in Madrid lieten ontploffen. Aznars even hardnekkige als domme bewering dat de Baskische afscheidingsbeweging Eta de aanslagen pleegde, leverde Zapatero de winst op.
Tot woede van conservatief Spanje – om van conservatief Amerika maar te zwijgen – deed Zapatero wat hij had beloofd: Spanje trok zijn troepen terug uit Irak. De timing riekte naar capitulatie voor terroristen.
Zapatero, jurist en zoon van een advocaat, groeide op in een links-liberaal gezin in Léon. Toen Zapatero nog een kind was, toonde zijn vader een doos aan zijn beide zoons. Daaruit kwam een portret van oom Juan tevoorschijn, kapitein van het Republikeinse leger, die in 1936 op 43-jarige leeftijd gefusilleerd werd door de troepen van Franco. In het handgeschreven testament dat oom Juan de dag voor zijn executie had geschreven, stelde deze dat hij had gestreden voor rechtvaardigheid, en vroeg hij aan zijn nabestaanden zijn naam van blaam te zuiveren. „Op die dag wist ik dat ik, om de vrijheid te verdedigen, de politiek zou ingaan”, zei Zapatero later.
Het tweede bepalende moment in zijn politieke leven kwam in 1976. Zapatero bezocht een bijeenkomst van de (nog niet legale) PSOE. Daar bepleitte de latere premier Felipe Gonzalez gloedvol de nationalisatie van productiemiddelen. Rechtenstudent Zapatero was zwaar onder de indruk. Maar voor de verkiezingen in 1977 hing hij twéé affiches op: een van de communisten en een van de socialisten.
In 1979 werd hij lid van de PSOE, en klom binnen drie jaar op tot voorzitter van de jeugdafdeling van de provincie León. In die functie kapittelde hij lijsttrekker Felipe Gonzalez voor het laten varen van de marxistische uitgangspunten. Deze riposteerde dat het tijd werd dat Zapatero afscheid zou nemen van zijn ’conservatief-linkse’ standpunten. Dat deed Zapatero, en daarna rees zijn politieke ster snel.
Binnen zijn eigen partij geldt Zapatero als iemand die de zaken ongaarne op de spits drijft.
Maar zijn links-liberale maatregelen hebben (katholiek) rechts in de gordijnen gejaagd. Het homohuwelijk werd gelegaliseerd. Echtscheiden is eenvoudiger geworden. Plannen voor verplicht godsdienstonderwijs werden geschrapt. Franco verdween van pleinen en uit straatnamen, en diens slachtoffers werden geëerd.
Wat hem in conservatief-nationalistische kringen het zwaarst wordt aangerekend is dat hij grotere autonomie heeft vergund aan Catalonië, en vruchteloos heeft geprobeerd tot een vergelijk met de Eta te komen – hoewel ook de conservatieve regering van Aznar onderhandelingen met de terreurbeweging voerde. Ook over de ruimhartige behandeling van immigranten neemt zijn rivaal Rajoy hem onder vuur.
Had Zapatero een paar maanden eerder verkiezingen uitgeschreven, dan had hij die vermoedelijk makkelijker gewonnen dan nu. De Amerikaanse kredietcrisis heeft ook de Spaanse huizenmarkt een klap bezorgd en de prachtige economische cijfers vlakken af.
Spanje is een land van gepolariseerde verhoudingen geworden – door de woeste, alarmistische retoriek van Rajoy, of door de politiek van Zapatero, daarover verschillen de meningen. Dikke kans dat de Spanjaarden Zapatero zondag toch een tweede termijn bezorgen. Hij hoeft Rajoy in ieder geval niet te vrezen om diens charisma. De premier mag aan de fletse kant zijn – ook op het internationale podium schittert hij niet – Rajoy slaagt er niet in buiten zijn eigen parochie enthousiasme teweeg te brengen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.