André Rouvoet wordt op zijn wenken bediend. De ’interessante discussie’ over het aantal kinderen, dat vrouwen ter wereld brengen, is volop losgebarsten. De mantra van betutteling klinkt allerwegen en in Trouw heeft hoogleraar orthopedagogie Goorhuis-Brouwer erop gewezen dat de huidige politici kinderen wensen te zien als potentieel kapitaal. Persoonlijkheidsvorming in de zin van liefdevolle aandacht voor kinderen, geduld en individuele aanmoediging wordt niet gevonden in een dagopvang van 7.30 tot 18.30 uur. Alexander Pechtold wist bij Pauw en Witteman zelfs een betuttel-topvijf te presenteren, waaraan het anti-religieuze sentiment, dat sinds Den Uyl in Nederland rondwaart, wel niet vreemd zal zijn. Dat iedereen over Rouvoet heen valt, zegt meer over de critici dan over de minister zelf. Kennelijk heeft hij een gevoelige snaar geraakt. Het kan geen kwaad dat ministers een maatschappelijke discussie aanzwengelen.
W.J. Laman Leiderdorp
Niet aangesproken
Ik voel me niet aangesproken door Rouvoets oproep tot baren. Dat zijn ’dwingen tot nadenken over de vergrijzingskosten’ irriteert, dat kan ik me voorstellen. In de eerste plaats omdat ik niet verwacht dat ’de vergrijzingskwestie’ nog bestaat op het moment dat de huidige borelingen gaan werken.
Over twintig jaar zijn we minstens vijf nationale kabinetten, een aantal Europese Commissies en nog veel meer beleidsrichtlijnen verder.
Nederland heeft een verleden waarin religie en gezinsgrootte niet zelden zijn geassocieerd met dwang en onvrijheid. Is het dan raar dat de christelijke minister van Jeugd en Gezin, verontwaardiging oproept met een opinie die in het, wat dat betreft veel liberalere Frankrijk of de Scandinavische landen, op instemming kan rekenen? Nee dus.
Wim Sonneveld had lang geleden een conference over ’het toenemend chagrijn in de grote stad.’ Daarin riep hij een glazenwasser van de ladder en meldde hem: ’dat doe je verkeerd, dat moet je een ander laten doen.’ Datzelfde zou ik André Rouvoet willen aanbevelen.
Veroniek Clerx De Bilt
Rouvoet niet schokkend
Als de wereld vergaat, zou ik graag in Nederland willen leven, want daar gebeurt alles 50 jaar later, aldus de Duitse dichter Heine in de negentiende eeuw. In Duitsland zei een politicus enkele jaren geleden al dat de mensen die geen kinderen wilden, misschien maar meer moesten bijdragen aan de sociale voorzieningen. Rouvoet zijn opmerkingen zijn niet zo schokkend. Sterker, het zou mooier zijn wanneer meer politici zulke opmerkingen maakten. In het verleden hebben wij veel regeringen meegemaakt die de term gezin probeerden te weren uit hun beleid. Nu roepen politici dat de overheid niet moet ingrijpen in de bedstee. Deze politici kijken kennelijk geen tv. De overheid doet sinds jaar en dag aan bevolkingspolitiek. Jarenlang konden we postbus 51-spotjes zien over slimme vrouwen die hard gingen werken om na hun 35ste eens na te denken over kinderen.
Onze westerse hedonistische opvatting heeft bijgedragen aan het creëren van een zorgeloze, kinderloze toekomst. Als we ooit nog de opvatting weer eigen maken dat we niet leven voor onszelf, komt er wellicht ook weer meer ruimte voor kinderen.
Willem Tjebbe Oostenbrink Zuidhorn
Zelfzuchtige christen
Het was natuurlijk buitengewoon onnadenkend van Rouvoet om meer kinderen te vragen. We moeten er vooral in de rijke landen alles aan doen om de bevolkingsdruk te verlagen. De ecologische voetafdruk, de hoeveelheid aarde die nodig is om een rijke wereldburger op zijn wijze te laten leven, zal bij voortgaande bevolkingsgroei zo groot worden dat we een aantal wereldbollen nodig hebben.
Waarom werd iedereen zo kwaad op Rouvoet? Zou het kunnen zijn dat de combinatie van overheidsdossiers voor elke nieuwe boreling gecombineerd met de roep om meer kinderen associaties oproept met regimes als ooit in Oost-Duitsland? Zelf heeft Rouvoet het Oudtestamentische ’Gaat heen en vermenigvuldigt U’ gepraktiseerd. Beseft hij dat zijn vijf kinderen 18,5 hectare nodig hebben? Wanneer de aarde eerlijk verdeeld zou zijn hebben ze recht op 8,5.
Nu de kerkelijke invloed tanend is en het jaarlijkse bezoek van de pastoor tot het verleden behoort, wekt het irritatie als een andere vertegenwoordiger van de woestijngodsdiensten gaat vertellen wat ongelovigen zouden moeten doen.
Peter Bugel Kloosterburen
Kent zijn klassieken
Onbegrijpelijk dat niemand de oproep begrijpt. Rouvoet kent zijn klassieken, want zijn advies spoort met de algemene evolutietheorie. Het begrip ’kinderen hebben, betekent toekomst hebben’ wordt door een ieder begrepen. Vadertje Drees met zijn AOW ging daar van uit. Kinderen zorgen voor hun ouders en zo heb ik tot mijn pensioen in 1999 premie betaald voor mijn ouders.
Gelukkig heb ik lieve kinderen die voor mij zouden kunnen en willen zorgen. Maar hoe is het met die ouderen die dat niet kunnen en hoe denken die kinderen erover, die deze culturele ontwikkeling niet hebben meegekregen? Die moeten hierover worden heropgevoed. Ik begrijp daarom Rouvoets visie.
Philip Krens Nijega
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.