Het is weer eens wat anders: Haïtianen die de longen uit hun lijf zingen, in een opera die van dorp naar dorp reist. De Nederlandse documentairemaker Hans Fels registreerde de totstandkoming van de opera De Bloedbruiloft op Haïti, het straatarme eiland in de Caribische Zee waar we meestal niet zulke vrolijke verhalen over horen.
In deze documentaire is dat anders. Een uitspraak van de Franse schrijver en politicus André Malraux wordt aan het begin van de film niet voor niets als een soort credo gelanceerd: „Alle kunst is opstandigheid tegen het lot van de mens.”
Hans Fels (regie en camera) legt in voice over wat braaf uit hoe het allemaal zo kwam: „Hier viel mijn oog enkele jaren geleden op de nog ongeordende contouren van de eerste zwarte Creoolse opera De Bloedbruiloft.” En even later zegt hij: „Zo kwam het onweerstaanbare verlangen bij me op om de opera op te laten voeren.” En daar gaan we dan. Eerst wordt de partituur besproken en bestudeerd. Dan volgen de audities in de openlucht, waar de aspirant-operazangers en muzikanten hun kunsten kunnen laten horen. De een heeft een viool meegenomen, de ander een fluit. De auditie met amateurs is natuurlijk klassiek – denk aan de kostelijke filmauditie-scènes in ’Salaam Cinema’ van Mohsen Makhmalbaf waarvoor destijds honderden filmgekke Iraniërs op de been kwamen.
Ook in ’De Bloedbruiloft’ – meer tv-docu dan cinema – zorgen die audities voor ontroerende en grappige momenten, het is zelfs jammer dat ze zo snel voorbijgaan. Haïtianen blijken niet alleen heel mooi, maar ook heel vals te kunnen zingen. ’Idols’-achtige exploitatie is daarbij niet nodig. Komedie en ontroering doen het in deze documentaire op eigen kracht.
Het gezelschap dat uiteindelijk wordt geselecteerd en in een beschilderde vrachtwagen op pad gaat, en onder de blote hemel de sterren toezingt, doet alle narigheid die Haïti aankleeft – corruptie, armoede, uitbuiting en ziektes – even vergeten.
(Regie: Hans Fels. In 4 bioscopen.)
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.