*

 

26 juni / Zomergroei

Koos Dijksterhuis − 26/06/08, 01:43

Afgelopen week zongen veel zangvogels nog. Of weer, na een al dan niet geslaagd eerste broedsel. Zwartkopjes, tuinfluiters, fitissen en tjiftjaffen hoorde ik. Kleine karekieten karrekietkietkieten nog steeds elke dag en avond.

Juni is vaak een rustige maand voor vogelaars. Vogels broeden en hebben alleen oog en oor voor hun eieren en kuikens. Ze houden zich gedeisd. Als de maand over de helft is vliegen steeds meer jongen uit en rond. De familie ekster vergadert op een pannendak. Een jonge zwarte kraai wordt gevoerd met stukjes appel, brood of aas. Overal fladderen onbeholpen spreeuwen, merels, mezen, mussen. De katten vieren feest.

Juni is ook groeimaand van het groen. Ondanks de droogte rijzen muren van groen op. Onze tuin is niet bij te houden, ik geef het achterhoedegevecht tegen de haagwinde op. Windebloemen zijn ook mooi en leuk voor het schijnboktorretje op de foto. Het gras doen de cavia’s voor me. Wat die beestjes niet wegwerken. Meter na meter wordt gemillimeterd. Daarbij ontwortelen en vertrappen ze niets. Het natuurbeheer kan beter in kleine grazers investeren dan in grote. Dan bewijs je meteen roofvogels een dienst. Engels raaigras gaat spriet voor spriet naar binnen, liefst met zaadjes. Alleen die pol kweek omzeilen ze.

Ik schreef laatst dat koekoeken na Sint Jan zwegen. Sint Jan is het zomerfeest, door christenen omgedoopt tot verjaardag van Johannes de Doper. Waarschijnlijk vieren koekoeken dat allemaal niet. Ze zwegen al een week. Maar vanmorgen, gisteren voor u (25 juni), werkte ik ons nageslacht de deur uit en kwam er een koekoek langs. Hij zei drie keer snoeihard: „koekoek!” en verdween weer. Een dag na Sint Jan. Ik dacht even een opgestoken middenveer te zien.

mailIcon print |