*

 

Ter Horst: stoppen met burgemeestersreferendum

Leo van Essen − 24/01/08, 13:16

In oktober vorig jaar, na Utrecht, hield minister Ter Horst nog een slag om de arm. Nu, na Eindhoven, heeft zij haar conclusie getrokken.

Na de teleurstellende opkomst bij het burgemeestersreferendum in Utrecht (9,36 procent) verlangde de minister van binnenlandse zaken een grondige evaluatie van dit restje democratische vernieuwing.

Voor de Tweede-Kamerfracties van CDA, PvdA, en VVD, samen een ruime meerderheid, hoefde het burgemeestersreferendum toen al niet meer. Nu in Eindhoven de grens van 30 procent ook niet is gehaald (opkomst 24,6 procent) lijkt de nekslag te betekenen voor het burgemeestersreferendum. „Ik denk dat dit tot de conclusie moet leiden dat we er maar mee moeten ophouden”, aldus minister Ter Horst woensdagavond laat in het televisieprogramma Pauw & Witteman.

Pleiters voor bestuurlijke en democratische vernieuwing zagen het ooit als het opstapje naar een direct door de bevolking gekozen burgemeester. Maar onlangs herhaalde één van de belangrijkste trekkers van die vernieuwingsbeweging, oud-minister voor bestuurlijke vernieuwing en burgemeester Thom de Graaf van Nijmegen, dat hij inmiddels afscheid had genomen van het burgemeestersreferendum. Het middel blijkt niet te werken, was zijn oordeel.

Dat vindt ook minister Ter Horst. „De opkomst is te laag”, meent ze. Volgens de minister is het een probleem dat de kandidaten niet goed campagne kunnen voeren doordat zij geen politiek programma (mogen) hebben. „Daarmee wordt het een schoonheidswedstrijd en daar loopt de maatschappij niet warm voor”, aldus Ter Horst.

Toch begon het ooit zo veelbelovend. Bij het eerste burgemeestersreferendum, op 6 maart 2002 in Best, kwam 61,4 procent op. Toegegeven, het hielp misschien dat er die dag ook raadsverkiezingen waren. Maar die waren die dag ook in Vlaardingen. Daar kwam 49,2 procent op.

Volgende burgemeestersreferenda, in 2003 in Leiden en Boxmeer, scoorden slechter: 48,3 procent respectievelijk 38 procent. In datzelfde jaar werd in Zoetermeer de opkomstdrempel van 30 procent al niet eens meer gehaald, zij het dat het weinig scheelde: 29,96 procent. Delfzijl vertoonde in 2004 nog een opleving met 41 procent. Maar daarna kwamen de klap van Utrecht en de te geringe opkomst in Eindhoven.

Dat Ter Horst inmiddels tot de conclusie is gekomen dat het beter is om ermee te stoppen, komt niet echt als een verrassing. In juli vorig jaar besloot ze al om de aanmoedigingssubsidie voor gemeenten die een burgemeestersreferendum wilden houden te schrappen. Reden: het leek te veel op een opstapje naar een direct gekozen burgemeester en daar is Ter Horst niet voor.

Vorig jaar hield de minister nog een stevig pleidooi voor de door de Kroon benoemde burgemeester (de aanstellingswijze zoals die ook in het regeerakkoord van CDA, PvdA en ChristenUnie is vastgelegd). De minister is er niet tegen dat de gemeenteraad twee kandidaten mag voordragen, en bovendien mag aangeven wie van de twee favoriet is. Maar Ter Horst wil graag de vrijheid houden om van die voordracht af te wijken als haar dat beter uitkomt.

mailIcon print |