*

 

In een democratie is het onwijs het homobeleid op de spits drijven

Door: redactie − 07/02/08, 00:45

De Kamerleden Halsema (GroenLinks) en Van der Ham (D66) hebben gelijk: het is ongerijmd dat de wet discriminatie van homo's verbiedt, maar een streng religieuze school wel toestaat een homo te weren of te ontslaan als deze voor zijn geaardheid uitkomt. Wil je op zo'n school werken, dan mag je het wel zijn, tenminste zolang je het maar verborgen houdt. Dat is hypocriet en discriminerend, concludeerde Halsema. Ze noemde deze bepaling een halfbakken compromis dat nooit in de Wet gelijke behandeling had mogen komen.

Dat is nog even de vraag. De uitkomst is voor homo's inderdaad halfbakken en welbeschouwd onverteerbaar, maar het compromis was een weloverwogen poging van de wetgever tussen twee botsende grondrechten te middelen, het recht op gelijke behandeling en de vrijheid van godsdienst.

Hoe onbevredigend de uitkomst ook is, de poging zelf was een respectabele. In een democratie hebben minderheden recht op bescherming van hun geestelijke vrijheid en gedachtengoed, ook als dat voor de hoofdstroom van de samenleving verwerpelijk is. In dit geval is dat de opvatting dat een homoseksuele levenswandel zondig is. Uit democratisch oogpunt is er geen andere uitweg dan het compromis te accepteren, desnoods tandenknarsend, op de vloer van de samenleving is het zaak met praktische wijsheid te handelen.

De Amerikaanse komiek Groucho Marx zei ooit dat hij geen lid wilde worden van een club die hem als lid zou accepteren. Zo kan een homo zich afvragen of hij wil toetreden tot een kring die zijn geaardheid niet ten volle accepteert. Prinzipienreiterei is op dit vlak tamelijk onvruchtbaar. Tegelijk mag het organisaties die van de uitzondering in de wet gebruik maken, niet te gemakkelijk worden gemaakt, zoals de Europese commissie nu veronderstelt. Minister Plasterk (OCW) voerde in de Kamer het sterke voorbeeld op van de rooms-katholieke kerk, die wel van priesters mag eisen dat zij celibatair zijn, maar niet dat zij rood haar hebben of geen kroeshaar. Anders gezegd, de wet moet zo duidelijk mogelijk zijn. Het is een aparte vraag of Europa zich op dit vlak met het beleid van een lidstaat mag bemoeien. Maar los daarvan is er reden genoeg de wet uit begin jaren negentig nog eens scherp onder de loep te nemen. Nederland is de afgelopen decennia een immigratiesamenleving met veel culturen geworden. Dat vergt grote helderheid over de kernwaarden, waaronder de gelijkheid tussen hetero's en homo's, alsook strikte formulering èn motivering van de uitzonderingen.

mailIcon print |