De toespraak van premierErdogan in Keulen doet de betrekkingen tussen Turken en Duitsers in de bondsrepubliek geen goed, vreest integratiewerker Dogonay.
„Door zulke redevoeringen groeit de weerstand van met name Turkse jongeren tegen de Duitse samenleving.” Mustafa Dogonay, medewerker van het Centrum voor Migratie en Integratie in de Berlijnse probleemwijk Wedding, is pessimistisch gestemd. „Jongeren raken daardoor nog meer gepolitiseerd. Ze voelen zich al nauwelijks erkend, nu zullen ze zich nog meer met Turkije vereenzelvigen.”
Dogonay is niet gelukkig met het optreden van de Turkse premier Recep Tayyip Erdogan zondag, in een ijshockeyhal in Keulen. Erdogan sprak daar voor Turken uit Duitsland, Nederland en België. Hij werd er als een popster ontvangen en minutenlang toegejuicht.
Uit piëteit met de Turkse slachtoffers van de brand in Ludwigshafen werd het muzikale voorprogramma geschrapt. Evengoed vindt Dogonay het optreden ’niet gepast’. „Op zo’n moment is terughoudendheid op zijn plaats”, vindt hij. Hij waardeert wel dat Erdogan tot kalmte heeft gemaand. Speculaties over de oorzaak van de brand en over tekortschietende hulp wees de Turkse premier af.
Erdogans toespraak had twee kanten. Aan de ene kant pleitte hij voor integratie en voor het belang, de Duitse taal te leren. „Als jullie de taal van het land niet leren, is dat een nadeel”, hield hij zijn gehoor voor. Tegelijk wees hij assimilatie ten scherpste af. „Niemand kan van jullie assimilatie verlangen. Assimilatie is een misdaad tegen de menselijkheid.”
Dogonay is het daar mee eens. „Assimilatie is over het algemeen niet goed. Je kunt niet van iemand verlangen dat hij zijn culturele achtergrond, zijn taal, zijn ervaringen bij de vuilnisbak zet.” Dogonay, van Turkse afkomst maar inmiddels Duits staatburger: „Bij integratie gaat het om de complete mens met zijn eigen levensfilosofie.”
„Maar het moet wel van twee kanten komen”, voegt hij eraan toe. Dogonay vindt dat de Duitse overheid te weinig gevoel heeft voor wat er in de migrantengemeenschappen leeft. „Ik ken Turkse jongeren die al vier jaar wachten op een beslissing over hun aanvraag van het Duitse staatsburgerschap. Logisch dat dan de weerzin groeit. Als jullie mij niet willen hebben, willen we jullie ook niet, denken die jongeren dan.”
Sinds kort duikt in Duitsland de term Inlünderfeindlichkeit op, ’vijandschap tegen binnenlanders’. Steeds meer Turken spreken hun verachting voor de Duitsers openlijk uit. Dogonay bevestigt dat fenomeen en ziet het ook steeds meer toenemen. „Ze voelen zich steeds sterker buitengesloten. Hier in Wedding is bijna de helft van de Turken werkloos. De armoede is een groot probleem. De middenklasse trekt weg. Toestanden zoals in de buitenwijken van Parijs zijn hier in Wedding niet ondenkbaar.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.