*

 

Computerles voor docenten

Theodore Pronk − 11/08/08, 01:23

Voor de moderne scholier is ouderwets klassikaal onderwijs te saai. Om de lesstof boeiend te maken, volgen docenten een ICT-cursus.

Zo’n vijftig docenten van verschillende middelbare scholen uit Nederland zijn deze week voor een driedaagse spoedcursus ’Leerling 2.0’ in Amsterdam bij elkaar. Daar leren ze hoe ICT een toegevoegde waarde kan hebben voor het onderwijs en leren ze over de scholier van nu.

Die verschilt namelijk nogal ten opzichten van tien, twintig jaar geleden. Door de opmars van de computer, de media-explosie en met name het internet besteedt de eigentijdse leerling veel tijd aan zijn pc en is wat de leraar zegt lang niet altijd ’de waarheid’ of interessant.

Op uitnodiging van een grote ICT-ontwikkelaar leveren de docenten drie dagen van hun vakantie in. Zelf zien ze het meer als investering. Voor scholieren is ouderwets klassikaal onderwijs te saai en om de lesstof een beetje boeiend te houden, moet er wat veranderen.

Want leren kan ook leuk zijn. De organisatie pronkt met een project waarbij leerlingen van een ROC een hotel leren runnen met een computerspel. Daarnaast zijn er tal van ontwikkelingen die het leren kunnen ’verleuken’ en het ouderwetse woordjes stampen overbodig maken. Je kunt namelijk ook in een virtuele wereld een taal leren door met anderen daar te praten.

Rosa Khwalid gelooft wel in zulke onderwijsvernieuwingen. Ze maakt een goed voorbereide indruk, is enthousiast, maar geeft toe dat ze tot nu toe weinig nieuws heeft ontdekt: „Ik verwachtte eigenlijk toch wel meer. Je leert hier vooral tools waarmee je later zelf weer kunt gaan rommelen. Het belangrijkste hiervan is dat je met collega’s van gedachten kunt wisselen”

Lammert de Groot deelt dat gevoel. Hij geeft in Lelystad wiskunde en natuurkunde op een middelbare school en verbaast zich over de geschetste mogelijkheden. „Ik had geen idee wat er allemaal speelt. Maar ik kwam hier wel een beetje naar toe met het idee dat er allemaal kant-en-klare programma’s waren die we direct kunnen gebruiken. Dat is dus niet zo.”

IBM is al tien jaar bezig met onderwijs, maar zit nog in de pioniersfase qua nieuwe ICT-toepassingen voor het onderwijs. Het bedrijf wil met de driedaagse spoedcursus vooral veel informatie uit het werkveld halen. Die kan dan later weer bij de ontwikkeling van nieuwe software worden gebruikt. Maar een verkapt marktonderzoek is het volgens de organisatie zeker niet.

Na een lange reeks presentaties wordt het tijd om zelf een ’educatief verantwoord’ spel te spelen. De softwareproducent schotelt de docenten een spel voor waarbij het de bedoeling is zoveel mogelijk punten te verdienen door de omgeving duurzaam te maken. Duidelijk wordt dat de meeste docenten nooit eerder een computerspel hebben gespeeld.

In groepjes van drie staren ze naar een laptopscherm, vragen ze zich af wat de bedoeling is en drukken ze bijna wanhopig op wat toetsen. Maar al snel leren ze hoe de bediening werkt, krijgen het spelfiguur in beweging en verzamelen ’nuttige’ informatie.

De docenten zien wel wat in de toevoeging van games aan onderwijs, maar geloven niet dat de computer hun werk overbodig maakt. Zelfs de ICT-minnende Rosa verwacht dat niet. „Je kunt heel goed gebruik maken van ICT, maar voor de reflectie zullen altijd docenten nodig blijven. Dat bepaalt of de leerling namelijk ook echt iets heeft geleerd.”

mailIcon print |