*

 

Herdenken via het internet

Bert van Panhuis − 14/05/08, 00:18

Rouwsites bestonden al. Maar sinds kort voorziet een organisatie van onafhankelijke uitvaartondernemers in sites die alleen toegankelijk zijn voor familie, vrienden en bekenden.

Het zoontje van Harm en Claire overleed eind vorig jaar, nog geen jaar oud. Door zijn te vroege geboorte waren de longetjes niet goed ontwikkeld. Ook had hij achondroplasie, een botgroeistoornis, waardoor zijn longetjes klein en zwak bleven. Het kindje moest in december in het ziekenhuis worden opgenomen met een virusinfectie en overleed daaraan en aan andere complicaties. Harm: „Het gebeurde op de dag voor kerst; we hadden nog wat pakjes voor hem naar het ziekenhuis gebracht. En dan ben je ineens met z’n tweetjes en heb je de langste nacht van je leven.”

Toen het heel slecht met hem ging, hadden Harm en Claire het er al even over gehad wat er te doen stond als hun zoontje zou overlijden. Claire: „We wilden geen rouwbrieven versturen. Het moest niet op de standaardmanier.” Los daarvan, het jongetje overleed op maandag; dinsdag en woensdag waren de kerstdagen en de zaterdag daarop zou de crematie zijn. Een heel korte periode om alles te regelen. En dus zochten ze op het internet naar alternatieven.

Dat vonden Harm en Claire in het persoonlijk requiem, een initiatief van Requiem, een nieuw netwerk van onafhankelijke uitvaartondernemers, die zich willen onderscheiden met persoonlijke aandacht voor en invulling van de uitvaart. In het geval van het paar uit de Betuwe waren dat uitvaartondernemers Marijke Bannink en Willem Scholtus, die in Tiel hun familiebedrijf hebben.

Op het persoonlijk requiem –dat alleen wordt aangeboden door bij Requiem aangesloten ondernemers en te vinden is op de website van de organisatie– is (zakelijke) informatie samengebracht over bijvoorbeeld de tijd en plaats van de begrafenis of de crematie van de overledene, over eventuele herdenkings- en kerkdiensten, de plaats van condoleance en de routes naar de diverse locaties. Daarnaast is er plaats voor een levensbeschrijving, privĂ©-foto’s en andere visuele herinneringen, en kan er op persoonlijke wijze worden gereageerd op het overlijden van degene aan wie het requiem is gewijd.

Het wezenlijke verschil met websites als www.condoleance.nl is dat het persoonlijk requiem niet voor iedereen toegankelijk is. Je hebt een inlogcode nodig, die alleen door de nabestaanden wordt verstrekt aan wie zij willen. Claire: „Alle familie en vrienden hebben we via mailtjes en sms-jes op de hoogte gesteld van de site en we hebben hen de inlogcode gegeven.” Harm: „Het heeft heel veel mensen aangesproken. Bijvoorbeeld omdat ze ook de reacties van anderen konden lezen.”

De voorbereiding en de begeleiding ligt bij de uitvaartondernemer. Marijke Bannink: „Wij schatten in of mensen er wat mee kunnen. In de loop van het gesprek met de familie zie je waar ze heen wil. Wij zetten de zakelijke informatie erin. En we controleren of er geen misplaatste reacties op worden gezet.” Haar bedrijf heeft tot nu toe twee keer een dergelijk persoonlijk requiem samengesteld; Harm en Claire beten het spits af. In december vorig jaar was het project net een paar maanden in de lucht.

Harm en Claire hebben zo’n 230 reacties gehad en ze krijgen er nog steeds binnen. Claire: „Zo weten we dat het nog steeds leeft bij onze bekenden.” Ze hebben geen spijt gehad, dat ze het overlijden van hun zoontje zo hebben kenbaar gemaakt. Claire: „Sommige mensen weten niet hoe ze op zoiets moeten reageren en dan is zo’n site ook een uitkomst. De mensen die dicht om ons staan hebben het niet nodig. Maar er zijn er ook die in zo’n periode geen contact willen of kunnen zoeken.” Toch waarschuwt Marijke Bannink dat een persoonlijk requiem nooit de plaats mag innemen van het persoonlijke contact met de nabestaanden. Claire: „Het is dubbel, want contact is in die tijd ook belastend.”

Op tafel ligt een boek, waarin alle reacties op het persoonlijk requiem zijn gebundeld. Op de voorplaat staat een foto van het lachende zoontje van het Betuwse paar. Dat heeft Marijke Bannink verzorgd. Daarmee heeft ze de aanzet gegeven voor het volgende project van Requiem. Erik-Jan Verhulst, een van de twee directeuren: „We gaan afscheidsboekjes maken van de overledene. Daarin komen bijvoorbeeld ook de teksten van de uitvaart. Die kunnen de mensen bestellen.”

Het idee voor het persoonlijk requiem kwam bij Verhulst op toen hij zelf te maken kreeg met het overlijden van iemand die hij goed had gekend. Hij kon niet bij de uitvaart zijn. „Waarom, dacht ik, is er niet een site met informatie en waarom kun je daarop niet je herinneringen met de nabestaanden delen? Toen realiseerde ik me dat je het dan hebt over digitaal herdenken.”

„Nabestaanden kunnen dankzij de gedenkboeken de beelden bewaren” vervolgt Verhulst. „Mijn grootvader was rector op een school. Als er in zijn tijd zoiets was geweest, hadden alle herinneringen aan hem daarin gebundeld kunnen worden. Dat is dan een troost. Het helpt bij de rouwverwerking.”

Tot nu toe zijn er zo’n 200 persoonlijke requiems samengesteld. Verhulst ziet er een grote toekomst in. Over andere internetprojecten wil hij zich nog niet uitlaten al is Requiem er wel mee bezig. „We zijn nog aan het leren en ontdekken. Maar het vraagt ook geheugenruimte op de website en hoe los je dat op? En er zijn de kosten.”


De namen van Harm en Claire zijn gefingeerd.

mailIcon print |