*

 

’De dag van de Citotoets is een gewone dag, maar dan met een ander werkje’

Harriët Salm − 12/02/08, 00:11

Basisschool Om de Oost in Den Oever doet voor het eerst mee aan de Citotoets, die vanaf vandaag op 6300 basisscholen wordt afgenomen. ’Cito-stress’ kennen ze in dit dorp nog niet.

„Huh”, zegt een zichtbaar verbaasde Leon (11) uit groep 8, „ik wist niet dat deze week al die Cito wordt afgenomen? Ik dacht pas volgende week ofzo.” Zijn even oude klasgenoot Linda: „Ik heb er vandaag ook nog niet aan gedacht, nee, vanochtend was ik meer bezig met het schaatsen. We gaan vandaag met school naar de overdekte schaatsbaan.”

De reactie van de twee leerlingen gisterochtend voor aanvang van de lessen in het Noord-Hollandse vissersdorp Den Oever is tekenend. Hier geen slapeloze nachten of eindeloos oefenen met proef-Cito’s om de score op te schroeven, zegt juf Maryanne Wittink (49).

De dorpsschool met in totaal 150 leerlingen en 10 leerlingen in groep 8 doet voor het eerst mee met de Citotoets. „Dus het is nog niet zo ingeburgerd, ook de ouders zijn er niet zo mee bezig, nee.”

In januari heeft Wittink de leerlingen wel een proeftoets laten maken. „Om ze aan de wijze van toetsen te laten wennen. Maar ik heb het er de afgelopen week niet meer met ze over gehad.” Ze doet dat expres. „Ik hou niet geheim dat de Cito er aan komt, maar ik leg er ook niet extra nadruk op. Ik vind het echt vreselijk als kinderen van zo’n toets bijna niet slapen. Ze moeten er ontspannen aan beginnen.”

Deze ’laatste dag voor de Cito’ start zij dan ook gewoon met het kringgesprek waarin de leerlingen vertellen wat ze het weekeinde gedaan hebben. Daarna gaan ze aan het werk, rekenen en taal. Tot tien uur, want dan gaan groep 6, 7, en 8 naar de schaatsbaan. Pas vanmiddag na de lunch, zegt Wittink, ’zal ik het nog wel even over de Cito hebben’.

Siem Buis (55), locatiecoördinator van de school, vertelt dat het de inspectie was die erop aandrong om de Citotoets op deze school te gaan afnemen. Er wordt al gewerkt met het zogenoemde leerlingvolgsysteem van Cito. Daarmee worden de kinderen vanaf de kleuterklas twee keer per jaar getest om te kijken hoe hun vorderingen zijn.

Maar de school nam in groep 8 vooralsnog de ’Nederlandse intelligentietest voor het onderwijsniveau’ (nio) af, in plaats van de eindtoets van het Cito. Deze meet het IQ van de leerling, de motivatie en de leervorderingen. „Wij vonden dat genoeg om een goed advies voor vervolgonderwijs af te geven”, zegt Buis.

Maar de Citotoets is uitgebreider en brengt niet alleen in beeld hoe de individuele leerling op onder meer spelling, woordenschat, begrijpend lezen en rekenen scoort. De toets meet ook de gemiddelde score van de school.

Buis: „Als bevestiging van wat wij denken voor de leerling kan die Cito nuttig zijn, denken wij nu.” Hij ziet ook een gevaar. „Het is een momentopname, maar als je het slecht doet heb je wel dat etiket van de slechte score opgeplakt. Daar moet je voorzichtig mee zijn.”

De druk op de kinderen houden ze daarom zo laag mogelijk, maakt hij duidelijk. „De dagen van de Cito zijn gewone schooldagen met een iets ander werkje. Wij zeggen niet: pas op, de Cito, doe extra je best.”

De ouders van Leon en Linda oefenen ook geen druk op hun kinderen uit vanwege de Citotoets. Leon wil na de zomer naar een gemengde brugklas vmbo-t/havo, Linda wil graag naar het vwo.

Leon: „Gewoon goed nadenken en rustig de vragen beantwoorden, zegt mijn moeder. Ze is trots als ik ga doen wat ik kan.” Linda: „Mijn moeder kon zelf niet zo goed leren en ze is wel blij als ik hoog scoor. Maar dat geeft geen extra druk. Ik leer uiteindelijk toch gewoon voor mezelf?”

mailIcon print |