Terwijl de meeste Nederlanders zelfs nog geen hd-ready-tv in huis hebben, laat staan een echte hdtv, wordt her en der in de wereld al naarstig aan ultra-hdtv gewerkt. Onder meer Amsterdam ontpopt zich als een ontwikkelcentrum voor de cinemascope-tv.
In het Amsterdamse Pakhuis De Zwijger zitten een paar honderd tv-deskundigen gefascineerd naar een bioscoopscherm te turen. Op een doek van acht bij vier meter is een scene uit een opera te zien. De beelden zijn scherper dan van een normale bioscoopfilm, maar komen uit een videoprojector aan het plafond. In feite zit de zaal dus tv te kijken. Maar zelfs als je met je neus op het doek staat, zijn de voor televisie typerende lijnen en puntjes amper te zien. In De Zwijger kan even geproefd worden aan ultra-hdtv, ook wel 4k genoemd, naar de ruim 4.000 beeldpunten waaruit elk van de 2076 beeldlijnen is opgebouwd. Elk beeld bestaat daardoor uit 8,8 miljoen puntjes: twintig keer zo veel als ’traditionele tv’ en ook nog vier keer zo veel als hdtv.
Televisieprogramma’s in ultra-hdtv kwaliteit voor de huiskamer zijn nog wel vele jaren weg. De huiskamer moet eerst nog door ’gewone’ hdtv worden veroverd. En bovendien is het zeer de vraag of ultra-hdtv in een huiskamer zinvol is. Beeldschermen van acht bij vier meter passen niet eens in de gemiddelde Hollandse doorzonkamer. Het lijkt eerder een vervanger van de bioscoopfilm op celluloid, op een hulpmiddel bij operaties, op een ultiem platform voor internetgamers.
Welke toepassing er ook als eerste voor zal komen, achter de schermen wordt al druk gesleuteld aan de nieuwe technologie. En opmerkelijk genoeg is Amsterdam daarbij, naast Tokio, San Francisco en San Diego, een van de vier centra in de wereld waar het allemaal gebeurt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.