Yerseke staat bekend om zijn mosselen. Maar hoe lang nog, vragen vissers zich af.
In de Prinses Beatrixhaven in Yerseke is maar weinig te beleven op vrijdagmiddag. Alleen op mosselschip Yerseke 72 brandt licht. Mosselvisser Johan Steketee (53) en zijn zoon Jos (28) zitten bedroefd in de kajuit. „De uitspraak van de Raad van State is de doodsteek voor ons prachtige beroep”, klaagt Steketee senior.
Het nieuws uit Den Haag is hard aangekomen in het Zeeuwse Yerseke, een plek die beroemd is om zijn mossel- en oestercultuur. De Raad van State bepaalde vorige week woensdag dat minister Verburg van landbouw, natuur en voedselkwaliteit (CDA) de bezwaren tegen mosselvisserij in de Waddenzee opnieuw moet bekijken. Inwoners van Yerseke vrezen nu het ergste. Omdat ruim 98 procent van het mosselzaad in de Waddenzee wordt opgevist, zou het intrekken van de vergunningen het einde van de Nederlandse mosselvisserij betekenen.
Johan Steketee begon op zijn vijftiende te werken op het mosselschip van zijn vader en is op zijn beurt van plan het stokje over te dragen aan zijn zonen Jos en Adriaan. Hij bestrijdt dat de mosselvisserij schade toebrengt aan het Wad.
Steketee: „Wat wij doen is juist natuurbeheer”, legt de visser uit. „Als wij stoppen met vissen komen er echt niet meer mosselen in de Waddenzee.”
Dat vindt ook Huub Lacor, directeur van het bedrijf Roem van Yerseke, een grote handelaar in schelpdieren. „Sterker nog, de mosselpopulatie zal alleen maar afnemen. Dat hebben we ook gezien na het verbod op de kokkelvisserij.”
In zijn naar mosselen ruikende kantoor laat Lacor een folder zien over het zogeheten ’mosselzaad invangsysteem’. Dit systeem wordt, sinds 2002, gebruikt om op duurzame wijze mosselzaad te vangen. Doordat jonge mossellarven zich vasthechten aan netten, hoeft het mosselzaad niet meer van de zeebodem te worden geschraapt en blijft het bodemleven gespaard.
Roem van Yerseke won onlangs met het mosselzaad invangsysteem de prijs ’Creatief Ondernemerschap’ van de Kamer van Koophandel. „Om deze techniek verder te ontwikkelen is het nodig om te vissen”, legt Lacor uit. „Daarom zou het onacceptabel zijn als we geen vergunning meer krijgen.”
Een manier om in de toekomst mosselen te blijven produceren is om mosselzaad kunstmatig op te kweken. Trots laat Lacor zijn zien, een onderzoeksruimte waar oesters en mosselen worden gekweekt. „Hoewel we vooruitgang boeken met de proeven, duurt het nog ten minste tien jaar voordat deze techniek rendabel is”, vertelt Lacor. „Nu is het kostprijstechnisch nog niet haalbaar.”
Hoewel de mosselsector vreest voor zijn bestaansrecht, blijft Lacor rekenen op een nieuwe vergunning van de minister. En als die er niet komt? „Dan is het over en uit”, weet de directeur. „Ons bedrijf is voor 80 procent afhankelijk van mosselen.”
Bij de mosselhandel van de gebroeders Murre staan vier gepensioneerde heren te wachten om een nieuwe lading mosselen ’te draaien’, oftewel de open exemplaren eruit halen. „Die Hollanders weten niet waar ze over praten”, klinkt het geĆ«motioneerd. Eigenaar Johan Murre is bang voor wat er komen gaat. „Al kan ik als handelaar misschien overleven door mosselen uit het buitenland te importeren.”
Even verderop in visrestaurant De Viskêête aan de Havendijk schotelt Erik van Hijfte een paar vissers de lunch voor. De inwoner van Yerseke vreest al jaren voor het einde van de mosselvangst. „Eerst waren het de kokkels, nu de mosselen en straks de garnalen”, voorspelt Van Hijfte. „Wij danken onze bekendheid aan de mosselen. Als we die kwijt raken is Yerseke maar een doods dorp.”
persbericht Raad Van State
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.