*

 

De vrouw als crimineel

Wim Boevink − 24/01/08, 00:26

„Veel plezier”, zei mijn vrouw toen ik op weg ging naar een lezing van Harvey C. Mansfield, de 75-jarige professor van Harvard die het boek ’Manliness’ schreef, bij ons in vertaling uitgebracht onder de titel ’Mannelijkheid’–- een pleidooi het mannelijke in de man te herwaarderen.

Die mannelijkheid is onder invloed van twee feministische golven goeddeels weggespoeld. Mansfield wil weer een man die ergens voor staat. Een zaak of een principe. Ik moest een beetje aan Wilders denken, maar ik weet niet zeker of hij zo’n man bedoelde.

Er waren wel meer mannen dan vrouwen, daar in de Rode Hoed in Amsterdam, van wie er een aantal in de professor kennelijk een leidsman zagen in de zoektocht naar hun verloren seksuele identiteit, want diens statements werden niet zelden met instemmend gejoel begroet.

Voor de vrouwenzaak trad filosofe Stine Jensen in het krijt, die Mansfield een slordige omgang met het feminisme verweet en een verborgen politieke agenda, waarmee de verschuiving in de machtsbalans tussen mannen en vrouwen weer ongedaan moest worden gemaakt. Bovendien was zijn boek het zoveelste in een rij die de mannelijkheid poogde te reanimeren met titels als ’The Dangerous Book For Boys’ en ’I Hope They Serve Beer In Hell’. En wat stelde die mannelijkheid van Mansfield nu eigenlijk voor – met al zijn verwijzingen naar fictieve karakters? Je bent of Tarzan of John Wayne, zei Jensen, en als je dat niet bent, moet je héél erg grappig zijn om dat te compenseren.

Mansfield vond het moeilijk te reageren op een feministe die er zo goed uitzag – een giftig compliment dat aan de zaal gegniffel ontlokte. Het ging, zei hij, niet om een verschuiving in de machtsbalans, maar om een verschuiving in de manier van leven. Daarbij gold een onderscheid tussen het publieke – het sekseneutrale terrein – en het private, waar het verschil tussen man en vrouw weer mag opbloeien.

Dus thuis kook ik en u maait het gras, sneerde Jensen. Ja, zei Mansfield, grasmaaien is buitenwerk. Maar ik ben ook graag buiten, protesteerde Jensen. Dan doet u de tuin, zei Mansfield, en dan wil ik de vuilnis wel voor u buitenzetten.

De academische discussie teruggebracht tot een echtelijk bekvechten. Mansfield had Jensens commentaar voorheen al ’on-erotisch’ genoemd, waarop zij getroffen reageerde met verwijzingen naar schrijfsters zoals Erica Jong. Maar Mansfield beet door. „Verlies van mysterie, verlies van romantiek, verlies van hofmakerij. Moet ik een lijstje maken?”, zei hij onder bijval van de mannen. De emancipatie heeft vrouwen slechter gemaakt, zei een van hen, crimineler. Waarop Mansfield opmerkte: „Het feminisme zal gezegevierd hebben als er in de gevangenis evenveel vrouwen als mannen zitten.”

Ik ging naar huis, het huis waar ik de vuilnis buiten zet en het gras maai. En soms ook ga koken als mijn vrouw op boevenpad is.

mailIcon print |