*

 

Rechter bekijkt UWV-methode opnieuw

Wilma van Meteren − 30/10/08, 00:00

Ondanks aanpassingen deugt het keuringssysteem voor arbeidsongeschikten niet, vindt Leon de Groot Heupner. Hij stapt naar de hoogste rechter.

  • (ANP)

Het is te vergelijken met de zaak van Lucia de B., maar dan minder spectaculair, relativeert Leon de Groot Heupner, adviseur sociale zekerheid. Op grond van nieuwe feiten wil hij de Centrale Raad van Beroep overtuigen dat het keuren van arbeidsongeschikten ’onrechtvaardig’ gebeurt. Morgen behandelen de hoogste rechters in sociale-zekerheidszaken zijn herzieningsverzoek.

Eerder, in november 2004, oordeelde het rechtscollege dat aanpassing van het zogeheten claimbeoordelings- en borgingssysteem (CBBS) nodig was. Het wilde beter kunnen toetsen of uitkeringsinstantie UWV met hulp van dit systeem arbeidsgeschiktheid en verdiencapaciteit van een werknemer goed inschatte. Maar volgens De Groot Heupner waren de aanpassingen slechts ’cosmetisch’. Dat komt omdat de rechters indertijd niet beschikten over de gegevens die inzicht geven hoe wankel die fundering is, meent hij.

„Op twee belangrijke ijkpunten schiet het systeem tekort.” Zo hanteert UWV – en ook arbodiensten – een lijst met ’normaalwaarden’; wat iemand in het dagelijks leven kan onder andere op het vlak van tillen, staan, en zich concentreren. Daaraan meten ze af of een werknemer een beperking heeft of niet. Die lijst is opgesteld door een wetenschapper maar niet is te controleren in hoeverre die is gemotiveerd en onderbouwd, stelt De Groot Heupner.

Volgens zijn informatie worden sinds 2002 arbeidsongeschikten bij keuringen vergeleken met arbeidsongeschikten uit 1998. „Het maakt nogal wat uit of je wordt vergeleken met een volledig gezonde werknemer of iemand die ook beperkingen heeft. Tot op heden hebben we die lijst niet gezien en dus niet kunnen toetsen of die waarden kloppen.” De Centrale Raad heeft in 2004 deze normaalwaarden geaccepteerd. De adviseur gaat er echter vanuit dat de rechters anders hadden geoordeeld als ze hadden geweten hoe het precies zit.

Dat geldt volgens De Groot Heupner ook bij de manier waarop een andere graadmeter, de belasting in verschillende functies, werd vastgesteld. „Er was een periode sprake van natte-vingerwerk en ik heb daar bewijzen van. Dan stelde een UWV-medewerker achter zijn bureau vast wat een koekjesinpakker precies deed in plaats van naar de fabriek te gaan. Waarom zijn die enquêteformulieren, waarin functies worden beschreven, niet openbaar? Zo krijg je nooit een eerlijk proces.”

De Groot Heupner, die eerder hierover aan de bel trok bij de politiek, neemt het op voor een aantal arbeidsongeschikte cliënten. Volgens hem zijn de gronden waarop ze gekeurd zijn aanvechtbaar. Dat geldt ook voor tienduizenden anderen die in de WAO, WIA of Wajong zitten. „Ik wil een signaal afgeven dat het niet eerlijk toegaat, de steen in de vijver werpen in de hoop dat het systeem fundamenteel wordt veranderd.”

mailIcon print |