Ik ben, dat kan ik geloof ik van mezelf wel zeggen, een nogal zuinig baasje. Of misschien is het meer een kwestie van penny wise, pound foolish.
Want ik koop rustig een oldtimer en daarna nog eentje om vervolgens op een verre reis te gaan, maar bij Albert Heijn let ik, net als de kruidenier zelf trouwens, nauwlettend op de kleintjes. Zo kost het mij geen moeite om voor drie euro per dag rond te komen en in gezegende staat de avond te halen.
Ik scharrel wat tussen de Euroshopper-producten, neem een afgeprijsd stukje vlees mee en zie, de voedingsstoffen zijn alweer binnen. Uitbundige luxe zul je in mijn koelkast niet aantreffen (mijn dochters spreken in dit verband wel van een ’Ethiopische koelkast’) maar het is genoeg. Ik merk zelfs dat een zeker welbehagen mij overvalt als het geld opraakt en ik voor de rest van de week nog maar vijftien euro heb te besteden. Een demonstratief gevoel van: Ik kan het, ik zal ze eens wat laten zien.
Het Nibud kan trots op mij zijn. Johannes van Dam en Jamie Oliver niet, maar hun misprijzen neem ik op de koop toe, je moet niet God en de Mammon willen dienen. Of deze zuinigheid van mijn moeder afkomstig is, die in mijn jeugd de hele stad door fietste voor een paar cent korting, of uit mijn eigen studententijd stamt, toen ik op het eten bespaarde om grammofoonplaten te kunnen kopen, weet ik niet. Ik denk toch aan iets genetisch, voorvaderen van mij aten iedere dag hetzelfde (mijn opa een berg aardappelen, achterneven en -nichten van me op de Veluwe eieren en nog eens eieren), wellicht dat ik daarom ook met weinig van hetzelfde toe kan.
Of ik het ook zou volhouden als aan het eind geen glanzende Wolseley of een hemels landschap in Patagoniƫ zou oplichten, weet ik niet. Echte armoede heb ik nooit gekend, mijn zuinigheid is er om iets groters te bemachtigen. Maar het komt me wel van pas in deze dagen. Pensioenvrees, angst voor de armoedeval ken ik niet. Misschien moet ik nog wat dieper in de simpelste etenswaren tasten, nog wat goedkopere pakken pasta kopen, maar het zal wel lukken. Wel moet ik uitkijken dat ik anderen niet te zeer op mijn zuinige pad meesleep. Niets ergert mijn omgeving zo zeer als wanneer ik in een bui van zelfgenoegzaamheid meldt dat ze de tering naar de nering moeten zetten.
Nee, ook het pad van de zuinige man is eenzaam. Het is dat ik er nu over spreek, meestal zwijg ik liever. Binnenkort vertrek ik even naar Amerika om daar on the road te gaan maar helaas, de dollar is weer aan het stijgen. Dat betekent anderzijds dat de benzine goedkoper wordt, weet ik van de jongens van RTLZ, en dus tel ik mijn zegeningen maar. Het is een tellend bestaan, dat van de rentmeester. Ik vraag me af wat er zou gebeuren als ik de lotto won of bij een notaris geroepen zou worden voor een onverwachte nalatenschap. Gewoon doorgaan op het oude, beginselvaste pad maar nu nog grotere oldtimers en tweede huizen? Of eindelijk weg van de pasta’s naar de haricots verts en de ossenhaas? Als het zover is laat ik het weten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.