*

 

EU heeft in crisistijd plezier van de euro

Wilma van Meteren − 14/10/08, 00:00

Voormalig europarlementariër Alman Metten stond aan de wieg van de euro. Zonder de monetaire unie zou Europa er nu slechter voorstaan, oordeelt de monetair specialist.

  • Veel bankiers in het zakendistrict van Londen dreigen hun baan te verliezen. Ze kunnen op weinig medelijden rekenen. ( FOTO AP)
  • Het verlichte euroteken op het hoofdkwartier van de Europese Centrale Bank in Frankfurt am Main. (FOTO REUTERS)

„Zonder monetaire unie en euro hadden we IJslandse situaties kunnen hebben”, meent Alman Metten. De voormalig europarlementariër, die met Bart van Riel een boek schreef over de totstandkoming van de Economische en Monetaire Unie (EMU), ziet dat de zwaarbevochten euro Europa goed doet.

„Vooral aan de randen van het eurogebied worden de gevolgen van de kredietcrisis heftig gevoeld. IJsland, en Hongarije, waar de munt, de forint, onderuit is gegaan. Hetzelfde lot zou de Italiaanse lire en de Belgische frank – door de hoge staatsschuld en de perikelen rond Fortis – getroffen kunnen hebben. Dankzij de euro zijn deze landen bestand tegen dit soort ondermijning. En is er ook geen land dat uit concurrentieel voordeel zijn munt laat devalueren. Dat was voorheen een beproefd middel van Italië: Oh, het gaat ons slecht, we zwengelen de export aan door de lire te laten dalen. Tot woede van buurlanden.”

Veel waardering heeft Metten voor de Europese Centrale Bank, die „agressief, veel agressiever dan de Amerikaanse Fed, geld in de markten pompt. In plaats van enkele banken kunnen nu tientallen banken aankloppen bij de ECB voor leningen. En voor het onderpand dat de banken moeten geven, zijn de regels versoepeld. Als we de ECB niet hadden gehad, hadden we nooit zo snel kunnen reageren. Alles is op dit moment gebaat bij snelheid; wat deze week gebeurt, werd vorige week nog niet voorzien.”

Ook voor de politieke reactie van afgelopen weekeinde neemt hij zijn ’petje af’. „Bij de oprichting van de economische en monetaire unie constateerden we nog een politiek deficit – elk euroland bleef zijn eigen economische beleid voeren. De eurogroep van ministers van financiën laat nu zien dat het niet langer een praatclubje is. Het is werkendeweg een serieus gezelschap geworden dat van aanpakken weet. Dit was tot voor kort nog onvoorstelbaar. Natuurlijk vult elk land het op zijn eigen manier in, maar het is een gecoördineerde actie waarbij iedereen eenzelfde soort aanpak volgt. Europa stelt een voorbeeld en andere landen – Australië en Nieuw-Zeeland en nu ook de VS – volgen.”

Kritiek is er ook. Politici en de centrale bankiers hebben steken laten vallen, meent Metten. „Hoewel de regels zijn dat banken minimaal acht procent eigen vermogen moeten aanhouden bij leningen die ze hebben uitstaan, is dat in Europa, ook in Nederland, gezakt naar drie procent. Als je in de overzichten van De Nederlandsche Bank ziet hoeveel kapitaal er uitgeplaatst is. Nauwelijks waren er kritische noten. Alleen wetenschappers hebben gewaarschuwd, maar de rest heeft niet gereageerd.”

Metten vindt dat er pittige regels moeten komen voor nieuwe financiële producten, die de oorzaak zijn van de misère. „Laten we het net zo regelen als met nieuwe geneesmiddelen. Eerst een testfase en een overzicht met een risico-analyse indienen bij de toezichthouders.”

Het duurt nog wel even voor de rust weerkeert, verwacht hij. „Er moet nog heel veel lucht uit het financiële systeem. We moeten hopen dat door deze maatregelen dat proces wat geleidelijker gaat en ondertussen banken zoals Deutsche Bank overeind blijven. Die zijn te groot om om te vallen en te groot voor Duitsland alleen om te redden. De enige manier is dan een Europese redding, doordat andere landen bijspringen.”

mailIcon print |