*

 

Overleg imams is in ieders belang

Eildert Mulder − 30/10/08, 00:00

Een verschijnsel als de huiskamerislam van de Hofstadgroep kan ook voor Marokko bedreigend zijn. Dat de Marokkaanse overheid moskeeën in Nederland als inlichtingenbron wil gebruiken, is zo gek nog niet.

  • (Trouw)

Het bezoek van vijftig imams van Marokkaanse moskeeën in Nederland aan Marokko is geen vrijblijvend uitstapje. In de relatie tussen Nederland en Marokko staan minder gezellige zaken centraal: de angst voor terreuraanslagen, drugshandel en andere criminaliteit, om er een paar te noemen.

Dat zijn onderwerpen die in de gesprekken met de Marokkaanse autoriteiten zeker aan de orde zijn. Ze raken overigens de belangen van zowel Nederland als Marokko. Daarom zal de spionage, waarover na de ontmaskering van een Rotterdamse politieman veel te doen is, ook wel wederzijds zijn en geen eenrichtingsverkeer.

Zoals dat bijvoorbeeld bij het inlichtingenwerk tussen Spanje en Marokko het geval is. De Spanjaarden spioneren intensief in Marokko om te voorkomen dat er in Spanje opnieuw treinen in de lucht vliegen zoals in maart 2004. De Marokkanen doen hetzelfde in Spanje omdat ze liever niet hebben dat er weer bommen ontploffen in Casablanca, zoals in mei 2003. De Spaanse en Marokkaanse geheime diensten lijken elkaar nauwelijks een strobreed in de weg te leggen. De te bespioneren doelgroep is dan ook dezelfde: radicaliserende Marokkanen in zowel Marokko zelf als in Spanje. Er zijn vergelijkbare parallelle belangen tussen Nederland en Marokko. Een verschijnsel als de Hofstadgroep is voor beide landen bedreigend.

Dat de Marokkaanse autoriteiten een stevigere greep willen krijgen op wat er in Marokkaanse moskeeën in Nederland gebeurt, ligt tegen die achtergrond voor de hand. Moskeeën kunnen een bron van inlichtingen zijn en ook een middel om mensen in de door jou gewenste richting te beïnvloeden.

Marokko heeft reden om jaloers te kijken naar de Turkse overheid, die via het ministerie van godsdienstzaken (Diyanet) een stevige invloed kreeg binnen de Turkse gemeenschap in Nederland.

Diyanet beheert de helft van de Turkse moskeeën in Nederland, levert de imams en bepaalt de strekking van de preken in de vrijdagsdienst. De invloed van Diyanet is niet beperkt tot de moskeeën. Diyanet is in de Turkse gemeenschap een factor, waar geen Nederlandse Turk die politiek of maatschappelijk aan de weg timmert, omheen kan. Via Diyanet kan de Turkse overheid bijhouden wat er in de Turkse gemeenschap in Nederland leeft en ook kan ze, dat is de andere functie, de betrokkenheid van Nederlandse Turken met Turkije versterken.

Marokko heeft geen instelling die vergelijkbaar is met Diyanet. Marokkaanse moskeeën in Nederland gaan niet uit van de Marokkaanse overheid, die evenmin de imams benoemt. Die imams hebben geen opleiding genoten met een officieel goedkeuringsstempel van de Marokkaanse overheid. De eisen die aan de imam worden gesteld, zijn minder duidelijk dan bij Turkse moskeeën. Er zijn wel samenwerkingsverbanden maar toch is de structuur losser dan bij de Nederlandse Turken.

Het ontbreken van hechte structuren heeft de bemoeienis van de Marokkaanse overheid met de landgenoten in Nederland van meet af een ander karakter gegeven dan de manier waarop de Turkse overheid zich bezighield met de Turken in Nederland. De moskee speelde bij die Marokkaanse activiteiten een ondergeschiktere rol, misschien omdat het gevaar voor de Marokkaanse overheid in de jaren zestig en zeventig, toen de eerste Marokkanen zich in Nederland vestigden, niet vanuit de religieuze hoek kwam, maar van linkse radicale tegenstanders van de Marokkaanse koning. Die radicaal linkse oppositie stelt tegenwoordig in Marokko en ook in andere Arabische landen nog maar weinig voor, maar destijds was dat anders. Vanuit die hoek zijn spectaculaire aanslagen op het leven van de koning gepleegd. Radicaal links leverde destijds ook de elite van de Marokkaanse gemeenschap in Nederland. Het Marokkaanse bewind stelde daar ’vriendschapsverenigingen’ tegenover, de zogeheten Amicales. Moskeeën waren toen niet zo belangrijk, bovendien waren er ook niet veel.

De tegenstellingen liggen tegenwoordig anders. Het gevaar voor het Marokkaanse bewind dreigt nu vanuit radicaal islamitische hoek. Verschijnselen als de huiskamerislam van bijvoorbeeld de Hofstadgroep zijn zeker niet ontsnapt aan de aandacht van het Marokkaanse inlichtingenapparaat. Ze zouden ook een bedreiging voor Marokko zelf kunnen vormen. Ook drugshandel en andere criminaliteit kunnen op den duur gevaarlijk worden. Ze creëren moeilijk te beheersen zwarte geldstromen, die in handen van terroristen kunnen komen. Ook komt het voor dat de criminelen hun zonden uit het verleden in één klap met een aanslag willen uitwissen, om zo aan het eeuwige hellevuur te ontsnappen, waar ze ondanks al hun branie vast in geloven.

Alle reden dus voor de Marokkaanse overheid om de ontwikkelingen in Nederland goed in de gaten te houden en bijvoorbeeld de moskeeën als inlichtingenbron te gebruiken en misschien ook als een medium voor de verspreiding van een vreedzame islam. Zo slecht zou dat laatste niet zijn en er lijkt op het eerste gezicht zelfs iets voor te zeggen om als Nederlandse overheid maar een oogje dicht te knijpen en liever samen te werken met Marokko.

Maar er is een schaduwzijde. De activiteiten van zowel de Marokkaanse als de Turkse overheid creëren veel angst binnen de Turkse en de Marokkaanse gemeenschap in Nederland. Nederland is een democratisch land met vrijheid van meningsuiting maar in migrantengemeenschappen heerst vaak grote angst om volop van dat recht gebruik te maken. Voor de Nederlandse overheid is men niet bang maar wel voor die van het land van herkomst. Of anders wel voor militante groeperingen in dat thuisland. „Over mijn eigen veiligheid maakt ik me geen zorgen maar hoe bescherm ik mijn familie?”, hoor je vaak van mensen als ze gedurfde uitspraken doen maar anoniem willen blijven.

Ze bedoelen dan niet hun familieleden in Nederland maar de achterblijvers in de landen van herkomst. Want die laatsten kunnen het slachtoffer van represailles worden als hun familielid in Nederland zich tegen de overheid van die landen keert of weigert daarmee samen te werken. In elk geval wordt daarmee gedreigd.

Misschien weet Nederland nog eens zijn grenzen hermetisch te sluiten voor illegale migranten, maar de angst die hele of halve dictaturen verspreiden, trekt zich van grenzen weinig aan.

mailIcon print |