Menig aanvaller van Oranje kan vanavond niet spelen tegen IJsland, Dirk Kuijt wél. „Ik probeer mijn lichaam zo goed mogelijk te verzorgen.”
Als de breekbare aanvallers van Oranje weer eens wegvallen, zoals nu Arjen Robben en Robin van Persie tegelijkertijd, valt het eens te meer op: Dirk Kuijt is nóóit geblesseerd. Hij mag erop rekenen vanavond te spelen in het WK-kwalificatieduel met IJsland. „Ik wil niet de speler zijn die komt te spelen als andere jongens geblesseerd zijn. Ik heb het liefst dat iedereen fit is en dat de trainer dán zegt: jij hoort in mijn elftal. Dat is mijn doelstelling.”
Na eerder door de voorgaande bondscoach Van Basten zelfs even gepasseerd te zijn, was Kuijt (28) basisspeler tijdens het recente EK. Maar Van Basten verhulde zijn voorkeur niet voor technisch begaafdere spelers in de nieuwe creatieve lijn van drie achter de diepe spits. Niet voor niets werd Kuijt in Zwitserland tweemaal vervangen door de van een blessure herstellende Van Persie. De nieuwe bondscoach Van Marwijk legt voorlopig in het voorste gelid van Oranje dezelfde accenten als zijn voorganger.
Grof gezegd lijken de kwaliteiten van Kuijt – dynamiek, opofferingsgezindheid, doelgerichtheid en werklust – bij Oranje althans vooral nuttig te worden geacht om achter de hand te hebben. Deels kan Kuijt, zo is hij ook wel weer, dat nog begrijpen ook. Anderzijds onderschrijft hij dat hij afwijkende elementen zou kunnen bieden in een linie waarin Oranje veel gelijkgeaarde, balgerichte spelers heeft. „Ik ben zelf heel tevreden over mijn prestaties op het EK”, zegt Kuijt. „Natuurlijk is het dan teleurstellend als je bij de nieuwe bondscoach de eerste wedstrijden niet speelt. Het is aan mij om het te laten zien. Ik heb de ambitie om altijd te spelen.”
Zijn sterke gestel zou in zijn voordeel kunnen spreken. Waarom hij nooit geblesseerd is? „Ik probeer mijn lichaam zo goed mogelijk te onderhouden”, zegt Kuijt. „Daar doe ik heel veel voor en daar ga ik ver in. Maar ik ben goed bevriend met Arjen Robben. Als ik zie hoe hij met zijn lichaam en zijn vak bezig is, dan verschilt dat eigenlijk niet zoveel met wat ik doe. Dus waar ligt dat dan aan?”
Een stevig spierstelsel kennelijk, dat nauwgezet wordt verzorgd – niet alleen nu, in de professionele kringen van de Engelse topclub Liverpool, maar ook in prillere stadia van zijn carrière. „In de Nederlandse competitie vestigde ik een record als de speler die de meeste wedstrijden achter elkaar heeft gespeeld.” Sinds hij bij Feyenoord kwam, vijf jaar geleden, verlaat Kuijt zich op een haptonoom en een paragnost die vooral in Rotterdam en omstreken al meer voetballers bijstond. „Het zijn allemaal details waarvan ik vind: als het me maar een beetje kan helpen, is het voor mij iets wat me beter maakt.”
Kuijt had vorig jaar baat bij hun behandelingen toen zijn vader overleed, en daarvóór tijdens diens ziekte. „In een stressvolle periode kreeg ik opeens last van mijn hamstring. Ik ben ervan overtuigd dat je in zo’n situatie de kans loopt een blessure op te lopen. Door lichamelijk contact en door te praten zorg je dat je meer ruimte in je spieren en je lichaam krijgt, waardoor je zaken beter kunt loslaten en er bewuster mee om kunt gaan. Maar ook in tijden waarin ik me goed voel, heb ik behoefte aan dat soort mensen om wat goed is goed te laten blijven, en misschien nog wel te verbeteren.”
Hij wil zoveel mogelijk benutten, in het besef dat hij geen natuurtalent is. „Maar wat is talent?”, zegt Kuijt. „Mijn grootste talent is dat ik doorzettingsvermogen heb. Dat heeft mij zo ver gebracht. Ik denk dat dat ook een heel groot talent is. Meestal associëren de mensen talent met technische spelers die veel met een bal kunnen, zoals Ronaldinho en noem ze maar op. Dat is een kwaliteit. Maar mijn talent is ook een kwaliteit, want het heeft me veel opgeleverd.”
Dat mag hij zeggen als vaste waarde bij Liverpool, sinds de laatste fase van het vorige seizoen in zijn nieuwe rol aan de rechterkant. Trainer Benitez haalde hem indertijd als spits, maar toen al zei Kuijt hem ’in principe, als de nood aan de man komt’ ook op andere posities te kunnen spelen. „Ik ben niet een speler die zich vastknoopt aan één positie. Of die geen rechts- of linksbuiten of wat dan ook wil spelen. Ik wil altijd in dienst van het elftal spelen, maar ik wil wel belangrijk voor de ploeg zijn.”
Ook daarom lijkt Kuijt als teamspeler op zijn plaats in Liverpool, waar aanvoerder Gerrard en spits Torres de meeste aandacht voor zich opeisen. „Zij zijn van wereldformaat”, zegt Kuijt. „De rest wil er alles aan doen voor het elftal en voor die twee jongens, zodat ze beslissend kunnen zijn. Je ziet vaak elftallen met veel persoonlijkheden die allemaal graag de man willen zijn. Torres en Gerrard zijn wereldsterren en ze zijn elke keer weer beslissend, maar zo gedragen ze zich niet in het elftal. Hun houding is positief en dat zorgt er voor dat je alles voor ze over hebt.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.