Opera Trionfo bestaat tien jaar en viert dat met de Nederlandse première van een werk van Arthur Honegger.
Opera Trionfo, Nieuw Ensemble en solisten olv Ed Spanjaard met ’Les Aventures du Roi Pausole’ van Arthur Honegger op 9/10 in Stadsschouwburg Haarlem. Morgen in Den Haag. Tournee t/m 23/12. www.operatrionfo.nl
Bij het jubileum van Opera Trionfo past een felicitatie. Het kleinste operagezelschap van Nederland brengt onder leiding van grande dame Jeanne Companjen al tien jaar lang aanstekelijk muziektheater op kleine én fijne schaal. Enthousiasme en inzet werden onlangs beloond met een zak geld van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten +.
Voor het tweede lustrum pakt Companjen uit met de Nederlandse première van de erotische operette ’Les Aventures du Roi Pausole’ van Arthur Honegger. In het Parijs van de jaren ’30 was Honeggers werk direct enorm populair en in het Théâtre des Bouffes-Parisiens (opgericht door operettekoning Jacques Offenbach) stond de teller al rap op vierhonderd uitverkochte voorstellingen.
Het verhaal over vrije-, bi- en homoseksualiteit in het rijk van Pausole was destijds vast en zeker scabreux en scandaleux. Ook in Berlijn genoot men destijds van dergelijke onderwerpen. Voor ons is een groepje haremvrouwen met spandoek waarop ’Wij eisen regelmatige penetratie’ staat wel wat aan de belegen kant. Maar dat laatste had meer met de regie van deze enscenering van doen dan met Honegger zelf. In zijn operette mijmert Diane à la Houppe, een van de 365 vrouwen van Pausole, over haar beurt om het bed met hem te delen: ’En dan is het ook nog een schrikkeljaar’, verzucht zij.
Om deze en andere humorvolle teksten werd donderdag zeker gegrinnikt in de Haarlemse Schouwburg, maar lachsalvo’s waren er pas bij opmerkingen van Pausole aan zijn volk dat hun geld waardevast is, zelfs als de koersen dalen.
De geestige en goede muziek van Honegger, waarin hij lekker rondstrooit met de hitgenres van zijn tijd, is een kolfje naar de hand van Ed Spanjaard. Met het Nieuw Ensemble legt hij een krokante bodem onder de gebeurtenissen op het toneel. Daar krijgen jonge en Nederlandse zangers opnieuw kansen van Opera Trionfo.
Die worden het best gegrepen door Simone Riksman (Aline), Fabio Trümpy (Giglio), Marije van Stralen (Thierette) en Ambroz Bejc-Lapajne (Taxis). Francis van Broekhuizen (Diane) steelt de komische show en Marc Pantus zingt en danst zich autoritair door de titelrol.
Een en ander ziet er door decors, kostuums en belichting mooi en professioneel uit. De regie van Elsina Jansen werkt echter eerder tegen dan met het stuk. Het genre dat Honegger en zijn geweldige librettist Albert Willemetz oproepen is bepaald geen sinecure. Zonder superieure en flitsende geestigheid wordt het, zoals hier ondanks enkele goede vondsten, al gauw kluchtig.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.