„Ik wilde al heel lang naar Alaska, vooral nadat ik hoorde van een afgelegen gemeenschap, de Yup’ik, die al sinds mensenheugenis op duurzame wijze vist. Daar komt de allerbeste zalm vandaan. Emmonak is een afgelegen dorpje van 800 mensen aan de oever van de Yukon-rivier, waar je alleen kunt komen met een privévliegtuigje. Onderweg zie je niets dan uitgestrekte natuur met hier en daar een eland.
Alles moet worden ingevlogen, dus compacte dingen als marsrepen zijn wel betaalbaar, maar verse groente is bizar duur. Er heerst 96 procent werkloosheid, maar zo zien ze het zelf helemaal niet. Ze leven van het kappen van hout en het vangen van konijnen en hazen, wonen in houten fish camps en doen de was in de rivier. Je voelt je er honderd jaar terug in de tijd. Ik ben er een week geweest en was de derde Europeaan die ze in vijftig jaar gezien hadden. Er is wel een televisie in het dorp en ze hebben ook mobiele telefoons waarmee je alleen lokaal kunt bellen.
Het visseizoen begint in juni, maar een speciale organisatie geeft aan wanneer er precies gevist mag worden, op basis van tellingen. Niet vaker dan twee keer in de week, voor de rest blijf je van de vis af. Nederland is van oudsher een handelsmaatschappij. Dat we nu de duurzame kant opgaan is voor ons pure noodzaak maar dáár zit het in hun natuur. Ze weten, als ik nu één vis te veel vang, heb ik volgend jaar geen inkomsten.
Ik vond het er bijna meditatie, zoveel rust. Elk gesprek beleef je intensief. Urenlang samen koken, daarna uitgebreid eten en vroeg naar bed. Ik zou er dolgraag eens een hele zomer willen zitten, dat lijkt me fantastisch.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.