Jan Houtveen (1964) is verbonden aan de afdeling Klinische en gezondheidspsychologie van de Universiteit Utrecht.
’Dit is niet een zelfhulpboekje voor patiënten, die zijn er al genoeg. Dit is een boekje met harde wetenschappelijke feiten op het gebied van medisch onverklaarde klachten; daar spreken we van als de dokter na grondig lichamelijk onderzoek niets heeft kunnen vinden dat die klachten zou kunnen verklaren. En ik heb geprobeerd die feiten op een leesbare manier onder elkaar te zetten.
Er is de laatste tijd echt wel wat voortgang te melden; er gebeuren interessante dingen. Tot voor kort was de boodschap: het is dit niet, maar dat ook niet, het is geen hyperventilatie, het is geen spierspanning, en het zijn waarschijnlijk ook geen stresshormonen. Maar wat het dan wel was, dat bleef onduidelijk. Ja, het zou wel tussen de oren zitten. Maar dat is veel te makkelijk.
Inmiddels hebben we wel wat ideeën wat de achtergrond van sommige onverklaarde klachten zou kunnen zijn, we hebben iets meer te bieden dan alleen maar alles wegmaaien. We kunnen bijvoorbeeld aan de hand van hersenscans aantonen dat er iets ontregeld is bij mensen die pijnklachten hebben of die chronisch moe of vaak duizelig zijn. Alleen is het niet ontregeld op de plek waar je het voelt in je lichaam, maar daar waarmee je het voelt, de hersenen. Sommige mensen voelen pijn ook eerder en sterker dan anderen, de knop van hun versterker staat als het ware helemaal open waardoor ze toch pijntjes voelen terwijl er geen echte signalen vanuit de pijnzenuwen naar het brein gestuurd worden. En er zijn aanwijzingen - daar doen we nu onderzoek naar - dat er in het immuunsysteen iets ontregeld kan zijn.
Als onderzoeker zie ik het als mijn taak die recente kennis door te sluizen, zowel naar patiënten, als naar artsen en behandelaars. Het duurt vaak te lang voordat die kennis een keertje is aangekomen. Soms stuit ik op behandelingen die al lang zijn achterhaald.
Het komt heel erg veel voor. Meer bij vrouwen dan bij mannen. De cijfers variëren, maar bij de huisarts gaat het om één op vier tot één op de vijf patiënten bij wie geen verklaring voor hun lichamelijke klachten wordt gevonden. Bij sommige specialisten ligt het cijfer nog hoger: onderzoek in Engeland laat zien dat de helft van de mensen die met pijn op de borst bij de cardioloog komen niets aan het hart mankeert.
Ik geef patiënten het advies zich niet helemaal te focussen op hun klachten, want daardoor houd je ze deels ook in stand. Zo verpest je je leven. Dat continu bezig zijn met je ongemak, en dan weer naar een andere specialist gaan, dat gaat je echt niet verder helpen. Je moet je niet fixeren op het laten overgaan van de klachten, je moet juist als doel hebben: wat kan ik ondanks die klachten nog voor leuke dingen doen? Die switch is niet makkelijk, maar voor veel mensen blijkt dat een ongelooflijke uitkomst. Ik zeg niet dat ze van al hun klachten afkomen, Maar ze knappen wel enorm op, worden veel gelukkiger.
Wat ik met dit boek hoop te bereiken is dat patiënten wat kritischer worden, dat ze niet meegaan met allerlei stromingen, op internet bijvoorbeeld. Dat ze niet al hun kwikvullingen uit het gebit laten weghalen, of de elektriciteitsleidingen uit hun huis. Want ook dan ben je op zoek naar iets concreets dat je klachten zou kunnen verklaren.
Ik doe al heel lang onderzoek en geef over dit onderwerp ook college. maar dit boek is niet een stapel collegedictaten met een nietje erdoor. Ik ben bij nul begonnen, heb geprobeerd er een mooi verhaal van te maken waar de lezer concreet iets mee kan. Dát was mijn motivatie.’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.