*

 

Geluidsisolatie maakt eind aan veel overlast

Petra Catz − 17/10/09, 00:00

Normen zo aanpassen dat verhuurders gedwongen worden om te investeren.

Burenoverlast, asociaal en agressief gedrag, is een veel voorkomend probleem. Troep in de tuin, fietsen in het trappenhuis, pestende kinderen, hondenpoep en meer van die narigheid. Veruit de meeste ergernis is het gevolg van aanhoudende geluidsoverlast. Veel van die geluidsoverlast komt echter niet door onaangepast gedrag van bewoners maar door slechte geluidsisolatie tussen de woningen.

Het gaat dan om contactgeluid, van boven naar beneden, van rechts naar links of van gemeenschappelijk trappenhuis naar woonkamer. Mensen raken geĆ«rgerd en gestrest door de lopende voeten en schuivende stoelen van de bovenburen of van wc’s die ’s nachts worden doorgetrokken.

De machteloosheid van de ’veroorzaker’ iets aan de geluidsoverlast te veranderen (hij is een nette bewoner, beweegt zich in zijn huis, schuift zijn stoel aan tafel en gaat ’s nachts naar de wc), en de ergernis van ’het slachtoffer’ dat er niets verandert, leiden tot verstoorde communicatie. En vanaf dan groeien de conflicten.

De grote verhuurders – de woningcorporaties – leveren de woningen kaal op. De bestaande normen voor (contact)geluid tussen woningen zijn zodanig dat overlast in veel gevallen onvermijdelijk is en een zwevende vloer aanleggen is voor veel huurders een grote uitgave. De corporaties geven meestal niet thuis als bewoners wijzen op geluidsproblemen – structurele aanpak kost natuurlijk geld. De corporaties wijzen de bewoners veelal door naar Buurtbemiddeling – werk dat door vrijwilligers wordt gedaan.

Wie wat aan de oorzaak van geluidsoverlast wil doen, moet ervoor zorgen dat de regels en normen inzake (contact)geluid zo worden aangepast dat een normaal leefpatroon niet kan leiden tot enige overlast.

En dat verhuurders, en zeker de institutionele verhuurders, verplicht zijn te garanderen dat de woningen zo worden gebouwd of aangepast dat buren elkaar bij gewoon gebruik geen overlast bezorgen. Zoals de verhuurder een plicht heeft ervoor te zorgen dat er geen water door het dak lekt, zo moet hij er ook voor zorgen dat normale leefgeluiden niet storend bij de buren doorklinken.

Veel maatregelen die nu moeten leiden tot gedragsverandering bij de overlast bezorgende buren zijn repressief en werken niet. Veel plichten, met daarachter dwangsom, boete, contactverbod, gebiedsverbod, uithuiszetting en de rechter. En ook wordt buurtbemiddeling verplicht gesteld. Dat brengt mij op een tweede punt.

Onderzoek heeft aangetoond dat buurtbemiddeling over het algemeen heel effectief is. De basisregel van mediation, en ook van buurtbemiddeling, is echter vrijwillige deelname. Het streven is dat mensen ervaren dat ze zelf in staat zijn iets aan hun lastige situatie te veranderen en gaan inzien dat zij gebaat zijn bij verbetering van de communicatie. Zij voelen zich gerespecteerd in hun situatie, zelfstandiger en sterker. Zij hebben minder het gevoel slachtoffer te zijn en daarmee vermindert de behoefte zich af te zetten. Verplichting zo’n traject in te gaan werkt contraproductief en heeft dus geen zin.

Buurtbemiddeling kan dus niet als dwangmiddel worden opgelegd. Maar het is wel een erg belangrijk instrument om problemen mee op te lossen. Ondersteuning en versterking van de organisaties van buurtbemiddeling ligt dan ook voor de hand.

mailIcon print |