Films over Afrika zijn in trek. Mariët Bakker, oprichtster van het Afrikaans filmfestival in Amsterdam: „Het hoeft niet meer zo zwaar”.
Tussen de documentaire ’Afrique, je te plumerai’ (Afrika, ik zal je kaalplukken) van de Kameroense Jean Marie Teno en ’The Importance Of Being Elegant’ (Het belang van elegant zijn) van de Ghanees-Engelse George Amponsah zit vijftien jaar en een wereld van verschil.
Teno (1954), één van de pioniers van de Afrikaanse documentaire, maakte begin jaren negentig de bekroonde essayistische film vol groezelig archiefbeeld over de gruwelen van dictatuur in het Kameroen van president Paul Biya en vooral ook de ravage die de Franse overheersers achterlieten.
De jongere Amponsah laat zijn publiek in 2005 kennis maken met een mondainere kant van Afrika: de sapeurs, een duister Congolees herengenootschap dat het dragen van bizar dure designerkleding tot religie heeft verheven. Compleet met hoge priesters, aartsbisschoppen en heiligen – uiteraard de ontwerpers Cavalli en Yamamoto.
„Met de digitalisering van de film, zo’n vijftien jaar geleden, is de Afrikaanse documentairewereld gedemocratiseerd”, zegt Mariët Bakker. „Tot midden jaren negentig waren Teno en Felix Samba Ndiaye uit Senegal zo ongeveer de enigen die dit genre beheersten. Hun werk is gepolitiseerd en anti-koloniaal. Documentaires maken is door de technologische vooruitgang nu goedkoper, makkelijker en toegankelijker.”
In 1987 richtte Bakker filmfestival Africa in the Picture op, volgende week voor de twaalfde keer in Amsterdam. Inmiddels is de leiding van het festival in nieuwe handen. Maar Bakker houdt zich nog intensief met het onderwerp bezig; morgen verzorgt ze bij het Afrika Studie Centrum een lezing over de veranderingen in de Afrikaanse cinema.
„De nieuwe generatie documentairemakers voelt niet meer de druk om zware en geëngageerde onderwerpen zoals corruptie en het verdwijnen van Afrikaanse waarden te behandelen.” De nieuwe lichting, vaker door Europese of de steeds talrijkere Afrikaanse filmopleidingen geschoold, verrast met films over subculturen, muziek, en familieomstandigheden. „Er is nu ruimte voor subjectievere films, particuliere fascinatie en persoonlijke verhalen.”
Ze noemt ’Si-Gueriki, La reine mère’ (2003), door Idrissou Mora Kpai. „Die gaat over zijn moeder, een koningin. Een verhaal van adellijke families in Benin. Nog zo’n frappant familieverhaal: ’Don’t Fuck With Me, I Have 51 Brothers And Sisters’ van de Zuid-Afrikaanse Dumisani Phakathi en zijn polygame familie.”
Ook schijnen de recentere documentaires een eigenzinniger licht op Afrika. Het Keniaanse ’In My Genes’ van Lupita Nyong’o (2009) is daar een goed voorbeeld van. „In de westerse media horen we vooral nare verhalen over albino’s die de verschoppelingen van Afrika zouden zijn. In deze vrolijke documentaire zien we sterke, hoog opgeleide albino’s die geen slachtoffer zijn. Dit soort films kantelt de beeldvorming.”
Afrikaanse cinema kan op steeds meer aandacht rekenen. Het Duitse filmfestival Berlinale is gestart met een trainingsprogramma voor jonge Afrikaanse filmmakers. Onder de misleidende titel ’Forget Africa’ wil het Internationaal Film Festival Rotterdam volgend jaar Afrikaans filmtalent een podium bieden. Het Internationaal Documentaire Festival Amsterdam (IDFA) had vorig jaar maar liefst 20 Afrikaanse films.
Bakker is sceptisch: „Van al die films waren er maar vier van Afrikaanse filmmakers. Ik wilde voor Africa in the Picture alleen een realistisch en hedendaags beeld van Afrika verteld door Afrikanen. Films door westerlingen bevatten altijd een witte ’held’ die de Afrikanen komt redden.” Neem het geruchtmakende ’Enjoy Poverty’, zegt Bakker, waarin de Nederlander Renzo Martens Congolezen op provocerende wijze laat zien hoe ze hun armoede kunnen uitbuiten.
Gisteren werd bekend dat Hollywoodactrice Uma Thurman een heldhaftige hoofdrol krijgt in ’Girl Soldier’. Ze speelt een non die veertig Oegandese schoolmeisjes helpt ontsnappen aan een leven als kindsoldaat en seksslavin van rebellenleger LRA. „Zonder westerse held krijg je niet snel geld los voor een film over Afrika want het publiek moet zich met iemand kunnen identificeren”, zegt Bakker gelaten.
Ze is blij met de aandacht en de nieuwe diversiteit in de Afrikaanse docu-wereld. „Visuele informatie is ontzettend belangrijk in Afrika. Een artikel over de aristocratie van Benin zullen Afrikanen niet snel weten te vinden, maar via documentaires en vooral ook internet kunnen mensen binnen en buiten Afrika over grote en kleine onderwerpen makkelijk voorgelicht worden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.