Angstwekkend velen menen dat het op school ook moet gaan om overdracht van ’Nederlandse’ waarden en normen. Nog even, en scholen moeten verplicht de ’juiste’ ideologie onderwijzen.
De islamitische basisschool As-Siddieq krijgt straf: geen geld meer van de gemeente en minder geld uit Den Haag. Wethouder Asscher en staatssecretaris Dijksma leggen uit waarom: het onderwijs is beneden de maat en de school sluit zich af voor de samenleving. Het bestuur belooft steeds van alles, maar veranderen doet er niets. En nu is de maat vol. Asscher en Dijksma hebben lang gewacht, en hun ingrijpen lijkt onvermijdelijk en volkomen terecht.
Na zo’n inleiding verwacht je als lezer een tegengeluid. Dat komt ook. Maar laat één ding helder zijn: bestuurders als die van de As-Siddieq, althans die van de eerste generatie, hadden nóóit zelfstandig leiding moeten mogen geven aan een basisschool. Dat zij dat niet beseften is jammer, dat de overheid het negeerde is gênant.
Het As-Siddieqbestuur heeft de afgelopen jaren regelmatig deskundige leidinggevenden en vaardige personeelsleden aangesteld om het onderwijs te verbeteren, en daarmee impliciet aangegeven dat er iets te verbeteren viel, hoezeer Asscher ook beweert dat het dat stelselmatig ontkende. Steeds opnieuw leek dat een poosje goed te gaan, en steeds opnieuw barstte daarna de bom en kregen die nieuwelingen de bons.
De geschiedenis van oud-leerkracht Metsemakers, die met haar brief aan het Parool aanleiding gaf tot de nu genomen maatregelen, laat goed zien hoe zoiets gaat. Ze heeft zich enthousiast ingezet voor beter onderwijs, maar liep aan tegen zaken die haar verbijsterden. Op tv legde ze uit hoe ze te horen kreeg dat Maria een goede moslima was geweest, terwijl zij dankzij haar christelijke achtergrond terdege wist dat dat niet kon. De islam ontstond pas een eeuw of zes later. In het kader van de kennisoverdracht, besloot ze dat met een tijdlijn op het bord eens grondig aan haar leerlingen uit te leggen.
En toen kreeg ze bonje. Ze werd geconfronteerd met een islam die met terugwerkende kracht de hele geschiedenis naar zich toetrok. Althans, zo beleefde ze dat, en met haar vele anderen.
Wat deze leerkracht kennelijk niet beseft, is dat Mohammed in de ogen van moslims geen stichter van een nieuwe godsdienst is, maar de laatste profeet van de enig ware God aan wie allerlei ’bijbelse’ figuren, van Noach tot Jezus, zich ook al onderwierpen. Of die visie klopt is geen historische vraag; geschiedenis gaat niet over het doen en laten van goden en mythische figuren.
Ze presenteerde het christelijke verhaal op een islamitische school en bedreef daarmee in feite zending. Zoiets pikt geen enkel confessioneel schoolbestuur. De tijdlijn van juf Metsemakers sloeg de plank mis en ze werd terecht op haar vingers getikt.
Het grote probleem met mevrouw Metsemakers en veel andere door het As-Siddieqbestuur binnengehaalde deskundigen die het onderwijs moesten verbeteren, is dat ze niets wisten van de islam, de levensbeschouwing die de bestaansreden vormt voor de school waar ze werkte. Vanuit die onkunde sleutelden zij – ongetwijfeld met de beste bedoelingen – aan de identiteit van hun school. En dus werden zij ontslagen.
Natuurlijk gaat ook het bestuur hier niet vrijuit: dat had veel beter moeten uitleggen wat het essentieel acht voor de identiteit van zijn school.
Volgens oud-leerkracht Metsemakers past een school als de As-Siddieq niet in onze moderne Nederlandse samenleving. Dat is een gevaarlijke stelling. Scholen moeten doen aan burgerschapsvorming. Kinderen moeten leren wat ze nodig hebben voor een leven in onze samenleving. Mij dunkt dat het daarbij moet gaan om kennis over die samenleving en de vaardigheid daarin een passende rol te spelen.
Angstwekkend velen menen dat het op school ook moet gaan om overdracht van ’Nederlandse’ waarden en normen, ook en zeker waar die haaks staan op de normen en waarden van de eigen groep. Dat nu is een misverstand. De wet legt gedragsregels op – regels die langs democratische weg tot stand kwamen en langs democratische weg veranderd kunnen worden. Leerlingen moeten die kennen en beseffen dat ze zich daaraan te houden hebben. Maar de wet schrijft niemand voor het met de wet eens te zijn. De wet garandeert de vrijheid van geweten.
Als burgerschapsvorming in het onderwijs morele vorming wordt, wordt het onderwijs waarin een staatsideologie wordt overgedragen. Dat gebeurt in wel meer landen, maar de leukste landen zijn dat niet. Misschien moeten we er eerst toch nog even over nadenken of we dat wel echt willen.
Bart Voorzanger beschreef zijn ervaringen in ’De ongelukkige klas’, als e-book beschikbaar via zijn website www.voorzanger.nl
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.