*

 

De avond dat Germa verdween

Adri Vermaat − 02/09/09, 00:00

25 jaar na haar verdwijning, speuren in het West-Brabantse Nieuwendijk nóg mensen naar Germa van den Boom.

In de nacht van 28 op 29 juli 1984 verdween de 19-jarige Germa van den Boom uit haar ouderlijke woning aan de Dwarssteeg in Nieuwendijk, West-Brabant. Behoudens sporen die op een misdrijf wezen, tasten familie, politie en dorpelingen 25 jaar later volledig in het duister over de toedracht van haar verdwijning.

„Ik had nooit iets met Nieuwendijk, tot ik eens uitgebreid over Germa van de Boom las”, vertelt Stef Kampinga. Hij is woordvoerder van de ’werkgroep Germa’, die aan de hand van tips en andere aanwijzingen actief onderzoek doet naar het verdwenen meisje. „Het klinkt misschien raar voor iemand die, zoals ik, in Sliedrecht woont, maar haar verdwijning laat me niet los. Ik ben zelf vader van jonge kinderen, het moet vreselijk zijn als een van hen opeens weg is en er geen einde lijkt te komen aan jarenlang knagende onzekerheid. Dat is de reden dat ik mij met anderen hiervoor inzet”.

De afgelopen maanden waren er ontwikkelingen in de verdwijningszaak. Lokale media voorzagen zelfs een ’snelle oplossing’. Aanleiding was de vondst van onder meer nylonkousen, damesschoenen, een damestasje en schoonmaakspullen. De vondst, waarvoor de werkgroep een graafmachine inzette, vond plaats een meter onder de grond, niet ver van het ouderlijk huis van Germa. Maar het leverde niet de gehoopte doorbraak op.

Kampinga blijft ondanks de teleurstelling een optimist. „Telkens weer komt er rond deze verdwijning nieuws naar boven. In het dorp leeft de gebeurtenis nog steeds. Het houdt mensen bezig, niet alleen in het dorp maar ook elders. Doordat het raadsel niet is opgelost, is voor een deel ook de angst gebleven. Het komt in Nieuwendijk voor dat oudere dochters louter vanwege deze onopgeloste zaak op stille uren van hun ouders niet alleen over straat mogen”.

De harde kern van de werkgroep, vijf man sterk, meent dat de oplossing stap voor stap dichterbij komt. Als die, ongeacht de uitkomst, ooit wordt bereikt, zal niet alleen de familie Van den Boom dit als een zegen ervaren. Al jaren wordt in het dorp gespeculeerd over de mogelijke dader(s) van het veronderstelde misdrijf, met roddel en achterklap als gevolg. Enkele maanden terug nog werd een van de leden van de werkgroep, journalist en publicist Ad Mol uit Wijk en Aalburg, beschuldigd van betrokkenheid bij de verdwijning.

Een fotootje van een nooit achterhaalde man, destijds gevonden in de portemonnee van Germa, zou het portret zijn van Mol, stelde Antonia Baars uit Lexmond. Er werd zelfs forensisch onderzoek naar verricht door een Amerikaan.

Ad Mol deed aangifte wegens smaad en zet zijn activiteiten voor de werkgroep Germa voort. „Mijn motivatie om door te gaan met de zoektocht is dat door de verdwijning veel leed is ontstaan”, zegt de journalist op zijn website. En: „Als zoekers hebben we rust nodig. Daarom moet mevrouw Baars ophouden met haar verhaal dat ik de ’portemonnee-man’ zou zijn”.

Voor de werkgroep staat de onschuld van Mol buiten kijf, benadrukt woordvoerder Kampinga. „Ik ken hem goed genoeg”, zegt hij. „We kunnen een boek over deze bijzondere zaak schrijven. Alleen is de tijd daar nog niet rijp voor.”

mailIcon print |