*

 

Code van Ploumen wekt wantrouwen en maakt bestuurders verdacht

Door: redactie − 02/09/09, 00:00

In de jaren zestig was het nog mogelijk de salarissen in de publieke sector min of meer gelijk te trekken met de beloningen in de markt.

De minister die deze operatie in twee ronden volvoerde, was de vorige week overleden liberaal Edzo Toxopeus. De twee zogenoemde Toxopeus-ronden maakten aan het begin van de jaren zestig diepe indruk op de Nederlandse bevolking. Ze werden beschouwd als het bewijs van de geslaagde wederopbouw en markeerden het begin van een ongekende welvaartsstijging. Nu zijn de hoogste beloningsniveaus in de markt en de publieke sfeer zo ver uit elkaar gegroeid dat een herhaling van de Toxopeus-ronden niet meer reƫel is. Het is ook niet wenselijk.

Bij het dienen van het publieke domein passen geen salarissen die het karakter hebben van graaien, maar het werk dient wel goed betaald worden, anders wordt de kring waaruit politici en bestuurders worden gerekruteerd te klein en lukt het ook niet meer de best and the brightest binnen te halen. In dat licht is het voorstel van PvdA-voorzitter Ploumen, om partijleden die in de publieke sector meer verdienen dan de Balkenende-norm van ambten als het ministerschap uit te sluiten, onverstandig.

Het is begrijpelijk dat PvdA-leden over zulke veelverdieners in de eigen gelederen de wenkbrauwen fronsen, maar de sanctie van Ploumen vastleggen in een erecode, getuigt van rigide denken en werkt wantrouwen in de hand. Het is trouwens ongerijmd dat de partijvoorzitter haar regel wil vastleggen in een ’erecode’. Het kenmerk van zo’n code is nu juist dat zij ongeschreven blijft en appelleert aan de eigen verantwoordelijkheid en uitgaat van de goede trouw. Je kunt ook zeggen dat iedere overtuigde sociaal-democraat uit de aard van de doelstellingen van de beweging hoort te weten waar de grens van een redelijke beloning ligt.

Het voorstel van Ploumen voedt, ongewild, het wantrouwen in de samenleving jegens politici en bestuurders. Hoe rigider de maatregelen, hoe minder de publieke bestuurders kennelijk te vertrouwen zijn. Het effect kan dus volledig averechts zijn. Een democratische samenleving behoort uit te gaan van vertrouwen. Het voorstel van Ploumen wakkert wantrouwen in de eigen club aan en ook wat de liberaal Wiegel in de jaren zeventig smalend omschreef als ’socialistisch jaloeziedenken’.

Als de PvdA wijs is, fluit zij Ploumen op dit punt terug.

mailIcon print |