Decca
Chailly zou Chailly niet zijn als hij in het Mendelssohnjaar niet iets bijzonders zou doen. Zeker nu hij Mendelssohns opvolger is als chef-dirigent in Leipzig. Chailly’s hang naar historie heeft een cd vol wereldpremières opgeleverd. Met het Gewandhausorchester brengt hij de Derde symfonie in de Londense versie (1842), de ’Hebriden’-ouverture in een Romeinse versie (1830) én het Derde pianoconcert, gereconstrueerd door Marcello Bufalini en gespeeld door Roberto Prosseda, initiatiefnemer van het project. Prosseda zal dit ’nieuwe’ concert, waarvan vooral het derde deel heel speculatief is, komende vrijdag en zaterdag bij het Residentie Orkest spelen. De reconstructie is boeiend en Chailly’s heldere manier van dirigeren komt de muziek zeer ten goede. De symfonie wordt hier met een minimum aan vibrato, haast ’authentiek’ gespeeld. Binnenkort staat Chailly voor het eerst in zijn leven voor een authentiek orkest. Dat heeft vast geholpen. (PvdL)
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.