weblog Ernst Thülmann. In de DDR was hij een mythische figuur. Strijder tegen het fascisme, vermoord door de nazi's. In elke stad en elk dorp in Oost-Duitsland is er wel een Thülmannstrasse. Hoe lang nog?
Het uit brons gegoten gevaarte is veertien meter hoog en vijftien meter breed. Het bestaat uit een immense buste tegen de achtergrond van een wapperende vlag. "Dat zal Lenin wel zijn," denkt de argeloze bezoeker die het gevaarte in de Berlijnse wijk Prenzlauerberg tegenkomt. Maar het is Lenin niet, ook al lijkt hij er ergens wel op. Op de sokkel staat: 'Ernst Thülmann'.
Maar die naam is moeilijk te lezen. Helemaal ondergesproeid met graffiti. Met de overige negentig gedenkplaatsen die in Oost-Duitse gemeenten aan Thülmann zijn gewijd, gaat het al niet veel beter. Nog maar weinig vrijwilligers bekommeren zich om het onderhoud. En de gemeentebesturen hebben andere prioriteiten. Die grijpen pas in bij acuut instortingsgevaar.
Dat was in de DDR wel anders. Ernst Thülmann was het symbool van de antifascistische strijd. De in 1886 in Hamburg geboren Thülmann was ovenstoker van beroep en oproerstoker van roeping. Hij ging voorop in de gewapende strijd voor de radenrepubliek en tegen de knokploegen van de nationalisten, de fascisten en de sociaaldemocraten.
Pas in februari 1933 zag hij in dat je beter mét dan tégen de sociaaldemocraten kunt strijden. Maar toen was het al te laat. Hitler was al aan de macht. Een maand later werd Thülmann gearresteerd. Als belangrijke prooi werd hij elf jaar lang geïsoleerd gevangen gehouden. Toen gaf Hitler persoonlijk het schietbevel. Op 18 augustus 1944 werd hij geëxecuteerd.
De DDR bouwde een mythe rond hem. Hij werd de jeugd als voorbeeld ingeprent. Circa 2000 bedrijven en 180 scholen werden naar hem genoemd. Overal verschenen er Ernst-Thülmannstraten en -pleinen. Slechts zelden kregen die straten na 1989 hun oude naam weer terug. Lenin werd overal uit het straatbeeld verwijderd, Thülmann bleef.
Maar nu slaat de tand des tijds toe. Sokkels beginnen af te brokkelen, gedenkplaten worden besmeurd of gestolen, steeds meer mensen buigen zich met vragende blik over de monumenten: 'Ernst wie?' Bij herdenkingen komen alleen nog maar bejaarde mensen, het onderscheidingsteken van de 'Ernst-Thülmannbrigade' fier op de borst.
En nu is ook nog het gedenkoord in Ziegenhals, een gehucht ten zuidoosten van Berlijn, gesloten. Daar, in een sportkantine, hield Thülmann op 7 februari 1933 zijn laatste toespraak. Daar werden na de oorlog allerlei relikwieën van hem bewaard. Daar was de boot 'Charlotte' te zien waarmee een groep communisten voor moordlustige SA-mannen is gevlucht.
De grond waarop de kantine staat kreeg een nieuwe eigenaar. Zo'n 'Ernst wie?'-type. Die verbood de Thülmannfans op 18 augustus om in de kantine te gedenken dat hun held 65 jaar geleden was vermoord. Zo sterft er weer een stuk DDR af. Maar het heeft veel weg van een natuurlijke dood. Men lijkt er vrede mee te hebben. Gewoon een geval van ouderdomsslijtage.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.