*

 

Klein en bont

Koos Dijksterhuis − 23/06/09, 00:00

We lopen over de stadswal rond Ieper, Vlaanderen. Die bestaat uit parkachtige gazons met bomen, sommige met naambordje. Robiniabomen bloeien met witte trossen, kastanjebomen laten hun eerste kastanjes vallen. Tussen de bomen door schemert de kathedraal. Aan de andere kant ligt de brede gracht, met waterfietsen en futen. Van boven gluren we langs de loodrechte verdedigingsmuren. Varens op de oude stenen.

  • Kleine bonte specht ( )

Sommige grasperken zijn niet gemaaid. Er bloeien boterbloemen, korenbloemen, diverse soorten wikke, bolderik en inkarnaatklaver. Hommels zoemen.

Op een gazon met verspreide bomen staat een kunstzinnig klimrek, waar onze kinderen in klimmen. Er klinkt vogelgekwetter. Terwijl zij klimmen, zoek ik het gekwetter. Het wordt luidruchtiger en blijkt uit een holle boom te komen. Er zit een gat in de boom, op zo’n tweeĂ«nhalve meter hoogte. Zo’n kwetterende holle boom kan het nest van grote bonte spechten, maar ook van spreeuwen bevatten.

Er beweegt iets voor de opening. Rood. Ik steek mijn camera de lucht in en neem een foto. Het rode laat zich niet afschrikken. Het wurmt zich schel kwetterend omhoog zodat het de camera beter kan zien. Wij zien hem het best op de foto. Het is een jonge specht, bijna uitgevlogen, maar geen grote bonte. Het is een kleine bonte specht. Grote bonte spechten zijn algemeen. Zelfs in bomen langs polderwegen zitten ze, en in tuinen. Grote bonte worden vaak voor kleine bonte aangezien, omdat ze nog kleiner zijn dan een merel. Kleine bonte zijn zo klein als een mus. In Groningen zie ik ze nooit. Maar wel in Ieper. Dat korte snaveltje, en dat rode voorhoofd, mooi hoor. Net een recht afgeknipte pony.

mailIcon print |