*

 

Pas thuis komen de drumbandleden los

Marten van de Wier − 02/05/09, 00:00

„Nu begint het allemaal pas realiteit te worden. Donderdag was er vooral schrik”, zegt Harrie Hamers, penningmeester van Drumband Prinses Juliana uit Tilburg. Bij de aanslag in Apeldoorn raakten vijf vrijwilligers gewond, waaronder twee kinderen. Van één van de vrijwilligers was de toestand gisteren nog kritiek. De anderen liepen ernstige botbreuken op. De verstandelijk beperkte muzikanten bleven ongedeerd.

Op de site spreekt de band van ’een zwarte dag’. Het gastenboek stroomt vol met steunbetuigingen van fans en drumbands uit de rest van het land. „Zoveel blijheid om uitgenodigd te worden en dan zo’n bizar gebeuren! Wij wensen jullie veel steun toe”, schrijven Jo en Wil van Hoof.

Gisteren kwam het bestuur van de band bij elkaar, onder andere voor overleg met Slachtofferhulp Nederland. In Apeldoorn heeft de band geen slachtofferhulp gehad. „We zijn opgevangen in een school, maar uiteindelijk onverrichter zake naar huis gegaan”, zegt Hamers.

De Koninginnedagviering had een hoogtepunt moeten worden. De bandleden mochten op een vrachtwagen mee in de optocht. Ongeveer twintig muzikanten en tien begeleiders stonden in de bocht te wachten toen de zwarte auto zich in de groep boorde. „Ik zag hem niet aankomen”, vertelt Hamers. „Ik hoorde alleen die verschrikkelijke klap, en toen zag ik mensen en hekken door de lucht vliegen. Terwijl andere vrijwilligers zich over de gewonden ontfermden, hebben wij onmiddellijk onze leden van het toneel weggevoerd. Helaas hebben ze er natuurlijk wel het hunne van opgepikt.”

Sommige muzikanten waren meteen erg geschrokken, anderen reageerden in eerste instantie gelaten, vertelt Hamers. Zijn eigen zoon vertelde pas woensdagavond wat hij precies gezien had. „Thuis bij een kop koffie hoor je dan zijn verschrikkelijke verhaal.”

mailIcon print |