*

 

’Het moet in ieder geval een verstandigere zomer worden’

Antal Crielaard − 23/05/09, 00:00

Uitgeput en uitgeteld stapte schaatsster Paulien van Deutekom al in februari van ijs. Er was veel fout gegaan afgelopen seizoen. De les? ,,Minder trainen is geen zwakte.’’

De wandeling naar de plaats waar de foto moet worden gemaakt, is ongeveer een kilometer lang, door het rulle zand van Playa de Muro. Geen probleem, lacht schaatsster Paulien van Deutekom. ,,Ik kan nog wel wat lichaamsbeweging gebruiken.’’

In die ene futiele opmerking ligt de dramatiek van het vervlogen vorige seizoen besloten, maar ook – en wellicht belangrijker – de lessen die ze daaruit heeft geleerd. De zin bevatte enige zelfspot en werd op licht cynische toon uitgesproken. Ze had die middag niet mogen trainen, terwijl haar ploeggenoten op de fiets Mallorca verkenden. Het zijn de harde wetten van het nieuwe, olympische seizoen, waarin voorkomen moet worden dat Van Deutekom opnieuw overtraind raakt.

Het zinnetje vertelt ook veel over het karakter van de voormalig wereldkampioene - ze is nu eenmaal niet iemand die graag stilzit. Ja, ze heeft lessen geleerd – ze weet nu dat er grenzen zijn aan wat ze menselijkerwijze aankan, qua trainingsarbeid. Het beeld van de schaatsster die na de vijf kilometer op het WK allround in Hamar volledig uitgeput op het middenterrein in elkaar stortte, staat ook op haar netvlies gebrand. Dat was een dieptepunt. ,,Toen was schaatsen even niet leuk meer.’’

Zo’n moment wil ze niet nog eens meemaken. Ze zal dit seizoen kritischer moeten zijn, vooral naar zichzelf. ,,Dat zal nog best lastig zijn’’, zegt ze. ,,Want het voelt als een zwakte om te zeggen dat je een bepaalde training niet aan kunt. Dat is natuurlijk onzin. Als je lijf moe is, moet je dat aan jezelf durven toegeven. Een sporter wil sterk zijn. Het is misschien wel de angst om te weinig te trainen. Ik heb het gevoel dat ik veel moet trainen en altijd maar door moet gaan. Door hard werken ben ik gekomen waar ik nu ben.’’

Vorig jaar merkte ze echter dat té hard trainen niet goed is. Ze kukelde, zoals ze het zelf omschrijft, over de rand. Niet zomaar, maar een heel eind naar beneden. En nog vond Van Deutekom – positief als ze is – aanknopingspunten om zichzelf op te laden voor grote toernooien, vaak zelfs tegen beter weten in. ,,Ja, er waren nog steeds momenten dat ik het mooi vond. Maar het was raar dat ik niet meer kon vertrouwen op mijn lichaam. In Hamar ben ik zo enorm kapot gegaan.’’

Met de Winterspelen in aantocht mag zoiets niet nogmaals gebeuren. Dat besef is er, al heeft Van Deutekom er moeite mee zich te schikken. Als ze een middagje niet mag fietsen, wil ze gaan hardlopen. Volgens Kemkers geeft ze dan signalen, vraagt ze erom meer te mogen doen dan voorgeschreven. Ze zit midden in een proces van bewustwording, dat ze zelf schetst: ,,Van verstandig trainen kun je ook beter worden.’’

Er zijn hulpmiddelen. In een dagboek en op de computer houdt ze alles bij: hoe ze zich voelt, hoe ze een training heeft ervaren en welke emoties de overhand hadden. Zo moet een helder beeld ontstaan van de werkelijke gesteldheid van lichaam en geest. Glimlachend: ,,Daarin kun je ook oneerlijk zijn, maar dat zal niet meer gebeuren. Het is ook wel goed; het is een moment waarop je even bewust bezig bent met jezelf.’’

Juist daarin is winst te behalen. Van Deutekom: ,,Ik heb dingen genegeerd, ook naar mezelf toe. Mijn grootste fout was dat ik niet met mezelf communiceerde. En als je niet eerlijk bent naar jezelf, kun je het ook niet tegen Gerard of de rest van de leiding zijn. Dat moet anders.’’

Dus zegt ze: ,,Ik ben blij dat het in het afgelopen seizoen is gebeurd. Ik moet het ook niet zien als een verloren jaar, maar als een seizoen waarin ik vreselijk veel heb geleerd. Ik zou dom zijn als ik er niet van zou leren. Want het is nu wél het jaar van de Spelen, het belangrijkste jaar van de vier. In dit jaar wil ik er staan. Het is iets heel speciaals om op olympisch niveau te mogen schaatsen. Ik ben zelf dan ook alweer bezig met het volgende seizoen. Het vorige is afgesloten.’’

,,Er zijn meerdere routes naar een medaille. Dat is ook het mooie van sport; dat er altijd verrassingen zijn; alleen is het wel leuker om een positieve verrassing te zijn, in plaats van de teleurstelling van het seizoen. Ik heb nu het gevoel dat mijn lichaam is hersteld. Je neemt natuurlijk wel iets mee van vorig jaar, dus je moet het in gaten houden. Het moet in ieder geval een verstandigere zomer worden. En wat het dan gaat brengen; we zullen het zien.’’

Dan klinkt er een harde lach over het terras van het hotel, waarin ze nog eenmaal haar karakter samenvat: ,,Ik heb er zeker van geleerd. Alleen nu nog het toepassen hè.’’

mailIcon print |