*

 

De loop der lijnen

Cees Straus − 22/04/09, 00:00

Stromen, druipen, vloeien: bij schilder Eric de Nie komen er geen kwasten, penselen of paletmessen aan te pas.

  • Zonder titel, acryl op linnen, 2007. (Trouw)
  • (Trouw)

De Haarlemse schilder Eric de Nie gebruikt spuitflacons die hij aan de bovenrand van het doek uitknijpt om de verf in een min of meer regelrechte lijn naar de basis van het schilderij te laten uitlopen.

Meestal dicteert het formaat van het linnen de wijze waarop het schilderij wordt opgehangen. Een breed, maar niet hoog doek laat horizontaal getrokken lijnen zien, een rechthoekig of vierkant formaat toont een verticaal opgebouwd beeld. Maar een combinatie van zowel horizontale als verticale lijnen wordt niet uitgesloten. Die vormen dan lijnen die elkaar binnen het vlak onder een hoek van 90 graden kruisen.

De Nie heeft zijn fundamentele onderzoek naar deze vorm van schilderkunst inmiddels zo ver uitgebouwd dat hij er een afgewogen overzicht van kan maken. Werk dat sinds de jaren ’90 is ontstaan, vormt het uitgangspunt van de expositie ’Sequenza’ in Museum BelvĂ©dère in Heerenveen.

De Nie (1944) is in het Friese museum wonderwel op zijn plaats. Omdat zijn werk goed in de vaste collectie past, kocht het museum onlangs het doek ’Palais de Mari no. 4 (to Morton Feldman)’. Dat schilderij geeft een uitstekend voorbeeld van De Nie’s huidige werkwijze en niet alleen omdat de schilder zich liet inspireren door de muziek van de Amerikaanse componist bij wie de toevalsfactor een grote rol speelde. Het werk van De Nie sluit ook prachtig aan bij dat van zo veel meer schilders in de verzameling. Voor het museum moet de te verwerven kunst een min of meer landschappelijk karakter hebben; het museumgebouw staat niet voor niets midden in het weidse Friese land.

In de collectie neemt De Nie het op tegen schilders als Robert Zandvliet en Willem van Althuis, maar ook Tames Oud en Gerrit Benner, een vergelijking die hij glansrijk kan doorstaan. Overigens, de kunstgeschiedenis wordt door De Nie zelf beslist niet genegeerd. In het recente verleden bleek hij schatplichtig te zijn aan schilders als Ellsworth Kelly, Jackson Pollock, Barnett Newman en Mark Rothko, vier reuzen op het gebied van fundamenteel onderzoek naar de betekenis van verf in relatie tot kleur en (abstracte) vorm.

De Nie voegt aan zijn onderzoek nog een nieuw aspect toe. Hij kijkt nieuwsgierig naar wat de effecten van zijn vloeiende of stromende lijnen zijn op de drager. Soms, om de voorstelling een emotionele laag te geven, kiest hij voor een kleurige onderschildering. Daarnaast heeft ook het ongeprepareerde linnen zijn voorkeur. Dan wordt niet alleen de kleur van het linnen belangrijk, ook het patroon van een ruwe huid draagt bij aan het effect van het vloeien. De huid van het linnen blijkt een bobbelig landschap te zijn die van invloed is op de verf.

Niet onbelangrijk is de regelmaat waarmee De Nie de lijnen op de drager plaatst. In een los ritme valt de dikte van een lijn veel meer op dan in een strak gecomponeerde opeenvolging. Ook optische effecten spelen een rol: een lichte lijn lijkt meer naar voren te treden dan een donkere.

Zo’n spannend resultaat geeft de verf ook als De Nie haar opbrengt op lompenpapier. Dan blijken de lijnen die anders redelijk strak lijken, opeens heel rafelig te worden. Het kan zijn, denk je, dat De Nie in zo’n geval met een getrokken draad zou schilderen (iets wat meer fundamentelen hebben gedaan), maar dat blijkt toch niet zo te zijn.

Omdat de techniek van het schilderen bij De Nie samenvalt met de inhoud, ben je geneigd hem als een abstract-concrete schilder te beschouwen. Maar net als bij Rothko en Pollock sluipt er bij De Nie in veel werk een emotionele ondertoon binnen. De stemming wordt vooral door de kleur gedicteerd: blauw heeft nu eenmaal een ander effect dan roze of rood, geel of groen dat vaak wordt gebruikt. Pas in tweede instantie roept de verdikking van de lijnen een emotie op. Opeens duiken beelden op die van de late en al bijna abstracte Monet bekend zijn. De Nie houdt de lyriek binnen de perken, maar de formele grenzen is hij allang gepasseerd.

mailIcon print |