Elke mbo’er die deze zomer klaar is met zijn opleiding wordt in de gaten gehouden. en zo nodig begeleid. De operatie kost 200 miljoen euro.
Nog voor de examenfeesten beginnen en de grote zomeruittocht is begonnen, worden alle geslaagde mbo-studenten in een databank gestopt. De tieners krijgen deze weken een formulier voorgelegd waarop ze met hulp van hun docenten moeten invullen wat ze van plan zijn. Nog een jaartje doorleren, werk zoeken of gewoon maar kijken wat de toekomst biedt.
„Een militaire operatie”, noemt Jan van Zijl, voorzitter van de MBORaad het streven om de komende vier tot vijf weken van 120.000 jongeren te vragen hun gedachten op papier te zetten. Maar het echte werk komt in oktober. Dan moet het UWV van alle jongeren die niet hebben aangegeven dat ze doorleren, nagaan waar ze terecht zijn gekomen. Om vervolgens de jongeren die werkloos thuis zitten aan werk, scholing of een leer-werkplek te helpen.
Het is allemaal deel van een groter plan dat oud-MKB-man Hans de Boer opstelde om te voorkomen dat de jeugdwerkloosheid in een jaar tijd verdubbelt. De Boer leidde de in 2007 opgeheven taskforce jeugdwerkloosheid. Twee jaar later blijkt dat de crisis van de jaren tachtig niet de laatste crisis met een, voor Nederlandse begrippen, torenhoge jeugdwerkloosheid is geweest. Wordt er niets gedaan, dan kan die volgend jaar 20 procent zijn.
Het kabinet komt een dezer weken met een officiële reactie, maar de mbo’s zijn inmiddels al bezig met de formulieren. „Daar kun je niet op wachten”, licht staatssecretaris Van Bijsterveldt de voortvarendheid toe. Het kabinet heeft al 200 miljoen toegezegd voor deze operatie.
Jongeren die best een trapje hoger kunnen op de onderwijsladder en geen werk vinden, zouden weer naar school moeten. Wie in de inventarisatieronde van afgestudeerde mbo’ers in oktober nog niet op een goede plek terecht is gekomen, zal dringend worden verzocht om weer de schoolbanken in te gaan.
Naar verwachting gaan er zo’n 10.000 jongeren opnieuw naar die schoolbanken. Vanwege de recessie blijven docenten wat langer zitten, reageert Van Zijl op de vraag of de scholen die extra leerlingen wel op kunnen vangen. „Maar de klassen bij de onderwijsinstellingen zullen ook iets groter worden.”
De jongeren kunnen ook een leer-werkplek krijgen. Die plekken zijn er best, meent De Boer, „ook bedrijven die geen vacatures hebben kunnen vaak best wat goede jongeren gebruiken. Als ze maar goed bij elkaar worden gezocht.”
Staatssecretaris Klijnsma van sociale zaken en minister Rouvoet van jeugd en gezin reageerden gisteren ook enthousiast op De Boers plan om het idee van een leermeester en een gezel in ere te herstellen. Zeker op plekken waar een tekort aan arbeidskrachten komt, maar de productie nu even stokt, kunnen oudere vakmensen worden ingezet om jongeren de fijne kneepjes van het vak te leren.
Als de oudere dan geholpen wordt met deeltijd-WW en de jongere met loonkostensubsidie, moet dat voor een bedrijf te doen zijn, schetst De Boer. Zeker als zij die jongeren wat langer met een tijdelijk contact in dienst kunnen houden.
Dat het zoeken van al die plekken, het subsidiëren van arbeidsplaatsen en het langer doorleren veel geld kost, deert De Boer niet. „Er is zo veel geld. Dat is echt het probleem niet. Uit alle verschillende potjes is vier miljard voor arbeidsmarkt en scholing.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.