Het loopt een aantal Zuid-Europese landen over de schoenen met de opvang van immigranten.
Malta, Cyprus en Italië hebben aan de bel getrokken omdat ze de toestroom van Afrikanen die met bootjes de Middellandse Zee oversteken niet meer kunnen verwerken. Bij wijze van antwoord kwam de Europese Commissie vorige week met het plan om ’landen die migratiedruk kennen’ te helpen. Asielzoekers die in zuidelijke landen zouden zijn toegelaten, zouden daarna opgevangen kunnen worden in lidstaten die zich hiervoor vrijwillig melden.
„Het gaat om een proefproject”, haastte de Nederlandse staatssecretaris Nebahat Albayrak (justitie) zich gisteren te zeggen op een vergadering van Europese ministers van justitie en binnenlandse zaken in Luxemburg. Nederland zal zich hoe dan ook niet aanmelden voor dit project. Volgens Albayrak doet Nederland genoeg aan de opvang van asielzoekers.
Maar ook in een aantal andere noordelijke landen zoals Duitsland en Denemarken valt dit verse plan verkeerd. De noordelijke landen willen absoluut niet tornen aan bestaande, moeizaam tot stand gekomen afspraken. Volgens die zogenaamde Dublin-afspraken is het land waar een asielzoeker het eerst aankomt, verantwoordelijk voor de asielaanvraag. Na afwijzing mag een asielzoeker niet doorreizen naar een andere EU-lidstaat om het nogmaals te proberen.
Ook aan de oostgrens van Europa komen veel asielzoekers binnen. En in een groot aantal Europese landen komen die gewoon per vliegtuig, op een toeristenvisum. Dat gaat allemaal in golven. Als de afspraken daar steeds op worden gewijzigd, kun je wel aan de gang blijven, vreest Nederland.
De noordelijke landen, ook Nederland, zijn bovendien bezorgd dat immigratie naar Europa wordt aangemoedigd als mensen na een korte aanmeldingsprocedure in pak ’m beet Malta, uiteindelijk doorverhuizen naar een rijker land met meer werkgelegenheid.
Niet alleen noordelijke landen reageerden negatief op het voorstel van de Europese Commissie, maar ook een van de landen die ervan moet profiteren. De Italiaanse minister van binnenlandse zaken Roberto Maroni noemde gisteren in Luxemburg het plan ’onvoldoende’. „Wij hadden gevraagd de lastenverdeling te verplichten. Nu gaat het om vrijwilligheid.”
Grote weerstand was er ook over een ander voorstel waaraan de Europese lidstaten zich buigen, namelijk om de omstandigheden waaronder asielzoekers in Europa worden opgevangen naar een hoger plan te tillen. De discussie hierover vond plaats terwijl in Genève de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties, Navi Pillay, Europa een veeg uit de pan gaf voor de abominabele omstandigheden waaronder asielzoekers er worden opgevangen. Ook bekritiseerde ze de Europese migratiepolitiek „die zich toespitst op grenscontroles, uitwijzing en de criminalisering van migranten.”
In Luxemburg kwamen de ministers er gisteren niet uit. Dat werd ook niet verwacht. Een Brusselse diplomaat gaf tevoren aan dat de belangrijkste functie van deze EU-vergadering zou worden dat alle landen even ’stoom kunnen afblazen.’ Ambtenaren en diplomaten mogen nu verder werken aan een aanpak waaraan geen land zich een buil kan vallen.
Zo’n compromis kwam er gisteren wel voor een ander probleem, namelijk de opvang van vrijgelaten gevangenen uit de Guantanamo-gevangenis op Cuba. Elke lidstaat mag zelf beslissen of hij zulke vrijgelatenen wil opnemen. Maar het mag alleen als alle informatie over deze persoon wordt gedeeld met de andere lidstaten. Omdat de grenzen binnen de Unie bijna overal open zijn, betekent opname van een gevangene in het ene land immers dat deze zorgeloos kan doorreizen naar een buurland. Door informatie te delen, kan iedere lidstaat eventueel zijn eigen veiligheidsinschatting maken, en deze mensen eventueel alsnog op een ’nationale lijst’ zetten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.