Als je voor het eerst in je leven met een gezin wilt gaan kamperen, waar begin je dan? Ik begon op de ANWB Kampeerdagen in Ouderkerk aan de Amstel, een soort openluchtbeurs aan een recreatieplas, met alle mogelijke tenten, caravans en kampeergerei.
Voor iemand die nooit van kamperen heeft gehouden en die afkeer heeft gestaafd met een rugzak vol onweerlegbare vooroordelen is zo’n beurs bezoeken een bezoeking. Want wat is kamperen? Kamperen is de geperverteerde bevrediging van een verlangen naar open hemelen en een opgaan in de natuur, een vals hunkeren naar primitieve eenvoud zonder ballast, waarvan het discomfort moet worden opgevangen door een vracht aan hulpmiddelen, een vracht die zijn hoogtepunt bereikt in de verrolbare barbecue enerzijds en het chemisch toilet anderzijds.
Maar vooroordelen moeten ooit eens getoetst worden en nu de druk vanuit het gezin almaar toeneemt, ga ik overstag: vanaf dit weekeinde gaat er gekampeerd worden.
Maar hoe? En waar?
Een plek vinden moet toch niet moeilijk zijn. Volgens cijfers van het CBS brachten bijna drie miljoen Nederlanders in 2007 hun vakantie op een camping door – een camping in Nederland welteverstaan. Dat aantal zou nu, in tijden van crisis, nog behoorlijk kunnen stijgen, want kamperen geldt als goedkoop, tenminste, als je de eerste investeringen achter de rug hebt. En die zijn niet gering.
Voor kamperen heb je behalve een plek, ook een tent nodig en dus sjokte ik met twee opgewonden kinderen tussen de modellen door, telkens ’Pas op, de scheerlijnen!’roepend (de kinderen hebben ook totaal geen kampeerervaring). Waarom weet ik niet, maar ik bleef staan bij ongeveer het kleinste model: een kruiptunneltje van nylon dat vierhonderd euro moest kosten. Maar, kreeg ik te horen, dan heb je wel aluminium stokken en een extracoating over de stof tegen zonlichtverkleuring. Koop vooral geen goedkope tent, was het advies, want die stokken van koolstof barsten al als je ernaar kijkt. Gaandeweg realiseerde ik me dat er ook aan tentenbezit status wordt verbonden, dat een tent en haar uitrusting een pronkstuk kan zijn waar mensen duizenden euro’s aan besteden, en dat ook op de camping dat vertoon van spullen en het bijpassende pauwengedrag kan worden voortgezet. Dus nee, ik ga niet bij mijn debuut op een klapstoel voor zo’n plastic prul van de euroshopper zitten.
Bijgaande foto komt uit een folder en legt de horror van het kamperen bloot. Een rij bungalow- en voorzettenten op een strak geschoren gazon, met ervoor hun bewoners op uitgevouwen meubilair, loerend naar andere bewoners, met niets tussen hen dan dun tentdoek, al dan niet gecoat, elk woord binnen gehoorsafstand. Een explosieve situatie van grimmige ontspanning.
We gaan een tent lenen of huren. De kinderen, de onnozelaars, zijn alvast verrukt.
En nu maar hopen op regen – in traumatische hoeveelheden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.