Veel mensen die een nieuw huis gekocht hebben en hun oude aan de straatstenen niet kwijtraken, gaan langdurig gebukt onder hoge dubbele woonlasten.
’Binnen een week kochten we het huis. We hebben altijd tegen elkaar gezegd: als er in deze buurt op de begane grond iets vrijkomt dan nemen we het”, zegt Bart Monnens (41) uit Amsterdam-West. Hij zit op een stoel tegenover een muur van verhuisdozen in de woonkamer. Vanwege gezinsuitbreiding wilde Monnens een huis op de begane grond, met een tuin en aparte kamers voor zijn zoons. Voor later.
„We kochten het huis vlak voor de kredietcrisis uitbrak. We woonden voorheen in dat huis”, zegt Monnens, uit het raam wijzend op een honderd jaar oud pand aan de andere kant van een speeltuintje. „Het is helemaal gerenoveerd, maar het werd voor ons te klein. In vier jaar steeg ons oude huis enorm in waarde.” Monnens had genoeg aanwijzingen om te vermoeden dat hij het huis voor een goede prijs zou verkopen: „Onze benedenburen die enkele weken eerder besloten hadden hun huis te verkopen, hadden veel bezichtigingen en verkochten hun woning voor een hoge prijs.”
Maar Monnens’ oude huis staat al bijna 180 dagen leeg. Augustus vorig jaar kocht hij zijn ecologisch gebouwde droomhuis in Amsterdam-West, waar het gezin Monnens minstens tien jaar wil blijven wonen. Het oude huis aan de overkant is nu een blok aan zijn been.
Het verhaal van de familie Monnens staat niet op zichzelf. Veel Nederlanders hebben dubbele woonlasten nu de huizenprijs daalt en de verkoop stokt. Veel mensen raken hun huizen aan de straatstenen niet kwijt en zitten binnen afzienbare tijd met ernstige hypotheekproblemen.
Vereniging Eigen Huis (VEH) heeft daarom vorige week voorgesteld om huizenbezitters fiscale voordelen te geven voor het verhuren van een tweede pand. Door huurders een tijdelijk contract van één tot drie jaar aan te bieden, kunnen huizenbezitters toch nog wat inkomsten genereren om de woonlasten te dragen, aldus VEH. De Consumentenbond wil liever tijdelijk de overdrachtsbelasting afschaffen.
Het ministerie van VROM voelt echter weinig voor die voorstellen. Volgens VROM kunnen mensen met dubbele woonlasten al gebruik maken van de Leegstandwet. Volgens die wet kunnen huizenbezitters onder bepaalde voorwaarden hun leegstaande panden verhuren. Probleem is alleen dat lang niet alle hypotheekverstrekkers verhuur van een koopwoning toestaan. Dat ligt vast in het contract.
Ook de Woonbond is niet erg enthousiast over het gebruik van de Leegstandswet. De bond vreest dat dan het puntenstelsel dat gebruikt wordt om de hoogte van huren te bepalen, wordt losgelaten en dat malafide huurbazen veel te hoge huren gaan rekenen. In dat geval betalen mensen die toch al nooit in aanmerking komen voor een koopwoning, voor de problemen van huizenbezitters. Je moet niet willen tornen aan de huurbescherming, stelt de bond. Die vindt meer huizen bouwen de beste oplossing. Dat stimuleert de economie en is het beste medicijn.
Hoeveel huizenbezitters met dubbele woonlasten kampen is niet bekend. „Betrouwbare cijfers zijn er niet”, zegt een woordvoerder van VEH. Maar VEH vermoedt dat het om een aanzienlijke groep gaat. Volgens VEH hangt het probleem samen met echtscheidingen. Vooral jonge mensen zonder eigen geld zijn kwetsbaar. Deze groep heeft vaak een tophypotheek afgesloten om een woning te kunnen kopen en zij kunnen niet terugvallen op spaargeld tijdens de overbruggingsperiode.
Voor de Monnens’ is verhuur geen optie. „Wij hopen op verkoop. We willen van ons huis af. We willen geen huurbaas worden, want dan zijn we weer verantwoordelijk voor onderhoud.” Mommens moet het zuinig aan doen, maar prijst zich al met al niet ongelukkig. „Eigenlijk hebben we een luxeprobleem. Mijn vrouw en ik hebben goede banen die niet op de tocht staan. We hebben geluk dat we voorzichtig zijn geweest. We hebben geen top- of beleggingshypotheek genomen.” Al zeiden de banken dat ze hogere leningen konden nemen. ,,Banken, notarissen en makelaars willen alleen geld verdienen. Je moet écht zelf nadenken en niet blind op je bank vertrouwen. Wij lieten ons niet gek maken.”
Monnens vindt ook dat hij tot een bevoorrechte generatie behoort: „Wij zijn meegelift op de golf van waardevermeerdering, voor starters is het nog steeds heel moeilijk. Ik zie een tweedeling in mijn vriendenkring. Zij die gekocht hebben en dus wooncarrière hebben gemaakt en zij die zijn blijven huren. Je wooncarrière is een gigantisch deel van je inkomen. Daar kun je niet tegenop werken. Ons inkomen gebruikten we enkel voor vakanties en de inrichting.”
Tussen de verhuisdozen en het zicht op zijn oude woning, blijft Monnens positief. Het blijft tenslotte een mooi, gerenoveerd pand, onderstreept hij. ,,Maar we durven nog niet te berekenen hoeveel ons dit precies kost.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.