Een terugblik op hoe het ooit allemaal zo gekomen is, met die vereniging van de staten, viel goed bij het door presidentsverkiezingen geobsedeerde Amerikaanse televisiepubliek in 2008. Maar liefst 13 Emmy’s gingen er naar de televisieserie ’John Adams’, en daar kwamen afgelopen zondag nog eens vier Golden Globes bij (voor de acteurs Paul Giamatti, Laura Linney, Tom Wilkinson en voor de serie als geheel).
De serie, die gebaseerd werd op het met een Pulitzerprijs bekroonde boek van David McCullough, en geproduceerd werd door Tom Hanks en Gary Goetzman (ook het team achter ’Band of Brothers’) behandelt vijftig jaar uit de carrière van John Adams, de tweede president van de Verenigde Staten, en een van de Founding Fathers van de beroemde Onafhankelijkheidsverklaring.
In aflevering 2 doemt het schilderij van John Trumbull op in de enscenering van de ondertekening van de verklaring: veel blije mannen met pruiken (Giamatti draagt er 57 in de serie) en veel papieren op de tafel.
De verklaring werd geschreven door Thomas Jefferson, maar in deze tv-versie van de geschiedenis was dat op voorspraak van John Adams. „Doe jij het maar. Ik stuit mensen te veel tegen de borst, ben te weinig populair”, aldus Adams, een tekst die afkomstig is uit een van Adams’ brieven. De ambitieuze Adams heeft er vervolgens zijn leven lang ook de pest in dat Jefferson met de eer is gaan strijken.
Voor een niet in de Amerikaanse geschiedenis ingevoerde toeschouwer is het lastig te beoordelen hoe betrouwbaar de biopic is. Amerikaanse critici hebben kanttekeningen geplaatst bij de wijze waarop van de puriteinse John Adams de grote man wordt gemaakt achter eerst de revolutie en daarna achter de onafhankelijkheid en het nieuwe bestuur.
George Washington (David Morse) lijkt een ploeteraar, Benjamin Franklin (Tom Wilkinson) een deugniet en Thomas Jefferson (Stephen Dillane) ziet het niet allemaal even helder. Alleen advocaat John Adams zelf houdt ook bij tegenslag zijn doelen helder voor ogen.
Daarbij dankt hij het nodige aan de wijze adviezen van vrouw Abigail, gespeeld door Laura Linney, die grossiert in verstandig commentaar (‘Niet te pompeus, John!’) en ondersteunende knuffels. De plompe, ingehouden Giamatti kun je nauwelijks charismatisch noemen, maar dat was de echte Adams – zoals hij op schilderijen staat afgebeeld – ook niet. Giamatti’s tobberige stijl past wel goed bij de 18de-eeuwse ernst (veel gepraat op kalme fluistertoon) van dit drama.
De enscenering – kostuums, decors, belichting – is werkelijk perfect. Vanaf het bloedbad in de eerste aflevering (de Britse soldaten versus de burgers van Boston) ligt de 18de eeuw voor je. Het besneeuwde landschap oogt grauwer en kouder, het bloed roder, de nacht zwarter, en de eenzaamheid voelt dieper. (JR)
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.