opinie We weten het: kinderen zijn mondiger dan we eerst dachten. Ze hebben een mening. Ze hebben recht deze te uiten. Ze hebben recht dat daar rekening mee wordt gehouden. Maar ja, dan moet je wel je mening durven zeggen. Dan moet je wel de ruimte krijgen om je échte mening te zeggen.
Arne is 11, bijna 12, nog even en de rechter vraagt zijn mening. Hij woont sinds altijd bij zijn moeder, sinds de scheiding woont zijn vader daar niet meer bij. Die heeft een eigen gezin. Nou wil zijn vader dat Arne bij hem komt wonen en zijn moeder wil hem niet kwijt. Hij moet kiezen. Hij wil helemaal niet kiezen. Hij kan helemaal niet kiezen.
Als volwassenen eerlijk zijn, dan weten ze best dat je heel veel beslissingen die je vroeger genomen hebt, toen nauwelijks kon overzien. Als kind is dat nog lastiger. Het lukt bij een enkel kind wel om te zien bij wie je niet wilt wonen, maar dan moet je je daar wel ontzettend ongelukkig voelen en dan moet het daar erg slecht zijn. Maar ja, dat willen ze niet weten, daar kunnen ouders niet tegen.
Je moet vertellen bij wie je wilt wonen. En wat je als kind ook doet, de ouder die je kiest is trots en de ouder die je niet kiest is gekwetst. Beide emoties wil je als kind over dit onderwerp niet. Je wilt dat ze trots zijn op de goal bij voetbal of boos over dat gat in je jas, maar niet de ene ouder ten koste van de ander.
Niet alleen dat ze het niet kunnen overzien. Er is geen kind dat niet doorheeft wat er speelt. Het gaan niet om hen, maar om de ouder. Kinderen houden van allebei dus die willen allebei de ouders en geen kinderachtig ruziegezeur. Ouders waar ze van op aankunnen, die zich volwassen gedragen. Kinderen die in dat conflict opgroeien, maken rond de 14, 15 jaar de overslag. Als ze niet echt contact met de andere ouder mogen hebben, ‘lopen ze over’, gaan ze een tijdje bij de andere ouder wonen.
Ouders die zich afvragen bij wie het kind wil wonen, kennen hun kind niet. Dan word het hard tijd dat ze dat zelf en met elkaar uitzoeken. Het is niet eerlijk om dat af te wentelen op een kind. Als de leerkracht een goed contact met het kind heeft, krijgt die vaak de vraag: ‘Kun jíj het er niet uithalen?’ De leerkracht dreigt zo een instrument te worden in de strijd van de ouders. Het kind staat dan meteen niet meer centraal.
Een leerkracht voelde het dilemma en kwam met een sprankelend idee: ‘Zeg tegen je ouders: Vanavond ga ik het zeggen, maar tegen ieder apart. Vertel aan je vader en je moeder apart: Ik wil het liefst bij jou wonen en zoeken jullie verder uit hoe dat moet. Dit is wat ik wil!’
Martine Delfos is biopsycholoog. Voor meer informatie over haar werk zie www.mdelfos.nl
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.