opinie Zo ongeveer heel Nederland schijnt rond zevenen al opgewekt door het huis te dartelen. Ik ben geen ochtendmens. Wennen zal dat moordende schoolritme nooit. De kinderen om half negen voorzien van voedzaam ontbijt, met twee dezelfde sokken, het juiste gymtasje en de lege jampot voor de knutseljuf in de schoolbanken hebben - wie bedenkt zoiets?
Een kwestie van op tijd naar bed gaan, hoor ik mijn moeder zeggen. Maar ja. Geen goed gesprek of interessante documentaire begint vóór half elf. Niet bij mij tenminste. Voor je het weet is het half een en komt man - die het ochtendritueel met liefde aan zijn vrouw overlaat - toch weer met een lekker glaasje op de proppen.
Leg de kleren voor jezelf en je kinderen ’s avonds alvast klaar, oppert een immer georganiseerde vriendin. Goed idee! Maar eindelijk bovengekomen, wil ik ineens redden wat er nog te redden valt en dus zo snel mogelijk het bed in.
’s Ochtends gris ik een broek en een trui van een stoel, en zie pas op het schoolplein welke wonderlijke combinatie het vandaag weer is geworden. Meestal een joggingbroek met versleten knieën in combinatie met een verwassen T-shirt en trui van man. Jas d’r over, niemand die het ziet, houd ik mezelf voor. In een poging niet zo verfomfaaid te ogen als ik me voel, kwast ik in de gauwigheid nog gezondroze blosje op de wangen - wat een medemoeder onlangs bezorgd deed informeren of ik al langer zo koortsig was.
Ze zijn er wel, hoor. Van die frisgewassen moeders die met een stralende glimlach en lenig armgebaar hun keurig gekamde kindjes van hun fiets tillen, hun nog douchenatte haar aan de wind laten drogen en er niettemin uitzien alsof ze zijn weggelopen uit een shampooreclame. Bij juf informeren ze bereidwillig of er nog iets voor ze te doen is - ze zijn uit overtuiging lees- én luizenmoeder, herstellen gedreven en handig de kleertjes uit de poppenhoek. Ze hebben ook kans gezien een man te trouwen die behendig is met hamer en spijkers, die zonder vloeken en zuchten een leuk draaibaar podium voor de kunstmiddag in mekaar timmert, terwijl zij onderwijl van drie kokosmatjes nog een handig opberghangdingetje voor het overblijflokaal macrameeën.
Tegen drieën, als ik door het daglicht weer kleur kan onderscheiden in de klerenkast, de föhn zijn zegenrijke werk heeft gedaan en het leven me weer toelacht, haal ik de kinderen op. Als een remake van mezelf sta ik op het schoolplein. Frisgewassen, glimlachend. Met een lenig armgebaar til ik de kinderen op de fiets. Behendig trek ik de broek van mijn zoon over zijn verschillende sokken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.