*

 

Verdachte F. praat alleen met rechter over schietpartij

Adri Vermaat − 14/01/09, 00:00

De verdachte van de moord op hoofdagente Gabriëlle Cevat krijgt aanvullend psychiatrisch onderzoek.

Voor de rechtbank in Amsterdam vertelde Franklin F. gisteren hoe hij de dood van Gabriëlle Cevat, op 9 juli vorig jaar in Amstelveen, beleefde. „Ik pakte mijn pistool en ging een zooitje doen. Ik stapte uit en liep naar de achterkant van mijn auto. Ik zag een schim en toen ’bam bam’. Heel snel, één seconde.”

Tot de inhoudelijke behandeling van de strafzaak tegen hem, beriep F. (49) zich op zijn zwijgrecht. In het Pieter Baan Centrum werkte hij mee aan het onderzoek naar zijn psyche. Alleen vermeed hij de delicten die hem worden toegeschreven. „Ik praat alleen met rechters”, zei hij gisteren. Als bewijs liet hij vragen van de officier van justitie onbeantwoord.

Zijn woordenstroom voor de rechtbank leverde slechts méér vragen op. De aan alcohol verslaafde F. dronk de bewuste julidag in vijf uur een liter wodka. Kort tevoren vernam hij van zijn werkgever dat hij een prachtig contract in de wacht had gesleept met een maandsalaris van ruim 9000 euro bruto. Beneveld door de alcohol gebeurden dezelfde avond dingen in het leven van F. die hij, naar eigen zeggen, niet wilde.

Hij bedreigde zijn ex-vriendin. „Ik schiet je dood, ik maak je kapot en je familie ook. Ik schiet jullie allemaal neer”, dreigde hij. Met zijn pistool, waarmee hij thuis soms oefende, stapte hij in zijn auto en reed naar de ouders van zijn vroegere vriendin. De gewezen schoonvader zag F. met het wapen en sloot ijlings de deur. Seconden later doorkliefden twee kogels de voordeur. „Dat was bedoeld tegen niemand”, zei F. voor de rechtbank. „Ik was alleen dronken, ik deed gewoon ’bam bam’.”

F. reed weg, naar het huis van zijn ex-vriendin. Toen hij daar aankwam, stelde hij vast dat het licht in de woning uit was en dat haar auto ontbrak. Zijn bedoeling was om ook hier door de deur te schieten, of, zoals hij zei, ’een zooitje te doen’. „Hield u nog van haar?”, vroeg de rechter hem. „Nee, zij was helemaal uit mijn leven.”

Gabriëlle Cevat was onderweg naar het bureau voor haar werk. Zij vond het rijgedrag van F. verdacht en zag hoe hij zijn auto negentig graden anders dan bedoeld bij het huis van zijn voormalige partner parkeerde. Aangezien zij de zaak niet vertrouwde, belde zij de dienstdoende chef om assistentie te regelen. Toen een paar minuten later de chef haar weer belde, bleef een antwoord uit. De hoofdagente lag op dat moment dodelijk verwond op straat.

F: „Ik was wazig, zag een schim en toen was het gebeurd. Ik wist niet eens of het een man was of een vrouw. Ik was verrast. Ik wist het niet. Ik draaide me om. Ik heb niemand gezien. Ik heb het schot alleen gehoord. Ik heb niet geschoten.”

F. werd aangehouden in het huis van zijn ex-vriendin. Nu hij een verklaring heeft afgelegd, vinden rechtbank, officier en hijzelf het beter dat het Pieter Baan Centrum hem nader onderzoekt.

mailIcon print |