Denemarken erkent borstkanker als ’mogelijke beroepsziekte’ bij nachtarbeid. Verpleegsters kregen al vergoeding. Nu een stewardess.
De Kopenhaagse Ulla Mahnkopf was dertig jaar als stewardess in dienst van de Scandinavische luchtvaartmaatschappij SAS, toen bij haar in 2004 borstkanker in beide borsten werd geconstateerd. Mahnkopf (55) onderging een operatie en liet zich testen op erfelijke aanleg.
Zowel haar moeder als grootmoeder waren namelijk aan borstkanker overleden. „Maar de test wees uit dat ik deze genen niet had,” vertelt Mahnkopf, die na de operatie chemotherapie en bestraling onderging. In 2006 werd ze afgekeurd.
Sinds het najaar van 2007 erkent de Deense overheid borstkanker als ’mogelijke beroepsziekte’ bij minimaal vijftien jaar nachtarbeid. De ex-stewardess kreeg voor het voeren van haar zaak steun van de Deense vakbond voor cabinepersoneel (CAU). Deze bond heeft 1500 leden, allen werknemers van SAS.
„De vakbond hielp me met berekenen van mijn nachtdiensten. Tussen 1974 en 2004 gemiddeld één per week op de lange vluchten,” aldus Mahnkopf. De bond hielp ook bij het invullen van de vele formulieren, onder meer over haar ziekteverloop, levensstijl en erfelijke aanleg.
In december hoorde de ex-stewardess dat zij in aanmerking kwam voor een schadeloosstelling. Een eenmalige uitkering van ruim 43.000 euro voor blijvende lichamelijke schade. Daarnaast krijgt ze tien jaar lang 3.000 euro per maand voor verlies van arbeidsvermogen.
„Het is niet meer dan redelijk dat we compensatie krijgen, als er een een verband is tussen nachtarbeid en borstkanker. Ik hoef me geen zorgen te maken over mijn financiële situatie, maar kan me nu volledig richten op het zo gezond mogelijk leven,” aldus Mahnkopf, die vaak gaat wandelen in een park in het centrum van Kopenhagen.
„Wij zijn enorm blij met de uitkomst,” zegt Jürn Fink, sociaal coördinator van vakbond CAU en zelf purser. „Zeventig procent van het Deense cabinepersoneel is vrouw, en daarom was de zaak van Ulla voor ons een belangrijke principiële zaak.” Fink wijst erop dat kanker relatief vaak voorkomt onder vliegend personeel.
„Cabinepersoneel heeft te maken met verschillende invloeden zoals kosmische straling, drukverschillen en lager zuurstofgehalte. Veel van onze leden zijn opgelucht dat er nu een verband is gelegd tussen borstkanker en nachtarbeid,” aldus Fink.
Zijn kleine vakbond maakt deel uit van vakcentrale FTF, die 450.000 leden telt waaronder ook verpleegsters. Die gaat leden nu oproepen zich te melden. „Ook de vereniging van gepensioneerd cabinepersoneel gaan we benaderen,” aldus Fink.
Hij noemt het ’uiterst positief’ dat de Deense overheid verder onderzoek naar het verband tussen langdurig nachtwerk en borstkanker niet wil afwachten, maar vrouwen met borstkanker het voordeel van de twijfel geeft. Op dit gebied hebben de Deense vakbonden geen strijd hoeven voeren.
„We kregen het als het ware in onze schoot geworpen. De overheid moet sterk bewijsmateriaal onder ogen hebben gehad om tot dit besluit te komen,” aldus Fink.
Verschillende internationale onderzoeken spreken tot dusverre uitsluitend over een ’mogelijk verband’ tussen langdurig nachtwerk en borstkanker. Naar verwachting komt borstkanker definitief op de lijst van beroepsziekten na het verschijnen van het eindrapport van IARC, het het kankeronderzoekcentrum van de WHO, later dit jaar.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.