*

 

’Ik weet dat ik het in me heb’

Door: redactie − 07/02/09, 00:00

Voor Ireen Wüst en Paulien van Deutekom verloopt het schaatsseizoen niet zoals gewenst. Toch is het tweetal hoopvol gestemd aan de vooravond van het WK allround. Coach Gerard Kemkers houdt echter een slag om de arm. Een voorbeschouwing in drie monologen.

  • Ireen Wÿst (links) en regerend wereldkampioene Paulien van Deutekom doen wat loopoefeningen in het Vikingskipet in Hamar, waar dit weekeinde het WK allround wordt gehouden. (FOTO KOEN VAN WEEL, ANP)

Ireen Wüst: „Ik heb dit seizoen echt nieuwe dingen van mezelf leren kennen. Vroeger was het namelijk zo dat ik het in trainingen vaak zwaar verprutste en dat ik in de wedstrijden wat extra’s kon geven. En de afgelopen weken was ik wel in vorm, maar wilde ik het zo graag laten zien dat ik onbewust blokkeerde. Ik probeerde wel ontspannen te zijn en mijn voorbereiding te doen zoals altijd. Maar op de een of andere manier sloeg ik dan dicht. Gelukkig heb ik vorig weekeinde in Erfurt met een goede 1500 meter bewezen dat ik dat ook weer onder de knie heb. Dus dat puzzeltje hebben we ook weer opgelost.

Hoe ik die puzzel heb opgelost? Moeilijk. Het is niet zo dat ik mijn chocomel een keer achterstevoren heb opgedronken en dat het daarna goed ging. Het is niet zo gemakkelijk uit te leggen. Voor mezelf is het niet ongrijpbaar, voor anderen misschien wel. Ik maakte het schaatsen gewoon te belangrijk. En omdat ik zo graag wilde, was er een soort van paniek in mijn lijf als ik aan de start verscheen. Normaal verzuur je bijvoorbeeld pas na zes rondjes, maar nu was ik na één ronde al op – schaatste ik rond met een stram en stijf lichaam.

De wereldbekerwedstrijd in Erfurt was voor mij heel belangrijk. Het was een goed gevoel om ook in een wedstrijd weer eens iets te kunnen. Als je het gevoel hebt dat je heel hard kunt schaatsen, maar dat het er niet uit komt op de momenten dat het moet, is dat heel frustrerend. Het is niets lichamelijks, dat weet ik zeker. Anders had ik de trainingen niet goed kunnen rijden. Ik ben fysiek goed, maar het kwam er in wedstrijden – omdat ik te graag wilde – niet uit. Dat was even moeilijk.

Uiteindelijk wil ik volgend jaar op de Spelen weer goud halen. Ik zie deze periode als een leerfase waar ik doorheen moet komen. Het is voor mij een uitdaging. Als me dit in de toekomst nog eens overkomt, zal ik het herkennen en kan ik er sneller uit komen. Als ik rij zoals in Erfurt op de 1500 meter en zoals in de trainingen van de afgelopen weken, dan kan ik zondag zomaar ineens weer op de hoogste trede van het ereschavot staan. Ik weet dat ik het in me heb, het is aan mij om te zorgen dat het er ook uit komt.”

mailIcon print |